Waarom Europa?

In de blog: Over de ethiek van de seculiere samenleving reacties: 9 pdf print

Waarom zijn wij Europeanen toch zoveel slimmer, mooier, rijker en machtiger dan al de anderen? De vraag is onontkoombaar voor elk imperium of elke beschaving die ooit haar kortstondige gouden eeuw bereikte.

Vervang "Europa" door "Thebes", "Zimbabwe", "ZhengZhou", "Babylon", "Theotihuacan" etc... en je vindt mythes die verklaren waarom X zoveel slimmer, mooier, rijker en machtiger was dan al de anderen; hoe hun unieke bestaan door de goden gepland was en zou duren tot het einde der tijden.

Je kan de literatuur over de vraag "Waarom Europa" grofweg scheiden in zulke exceptionalistische mythes aan de ene kant, en in meer wetenschappelijke studies anderzijds, terwijl een grondiger lezing zal opleveren dat er ook mengvormen voorkomen. Mijn mening is die van Stephen Gould: er gebeurt veel in de natuur wat helemaal niet hoefde te gebeuren, en een klein verschil kan leiden tot grote veranderingen. Gould noemde dit roulettespel van het leven "contingency".

Een mooi voorbeeld is de ontdekking van Amerika: stom geluk en een misrekening voerde Columbus naar een nieuw werelddeel; door stom geluk bleek dit werelddeel bergen makkelijk te roven goud te bevatten. Als dat goud er niet was geweest, had de Europese economie nooit haar huidige expansie gekend.

Een ander voorbeeld: hoe zou de geschiedenis van Europa verlopen zijn als Afrika, onuitputtelijk bron van slaven, niet aan de overzijde van een rustige binnenzee had liggen wachten?

Europees exceptionalisme

De hedendaagse kampioen van het Europese exceptionalisme is zonder twijfel David Landes, met zijn boek "The Wealth and Poverty of Nations: Why Some Are So Rich and Some So Poor". Het boek bevat niets nieuws en is veeleer een encyclopedie van eeuwenoude vooroordelen, doorspekt met sneren naar wie het waagt te twijfelen aan de uitzonderlijke kwaliteiten van Europeanen.

En het werd uiteraard op gejuich onthaald.

"The Wealth and Poverty of Nations" verklaart het Europese succes aan de hand van unieke culturele waarden, instellingen en politieke wedijver. Het mirakel was volledig veroorzaakt door de puike eigenschappen van de Europeanen zelf, in weerwil van een onbekwame maar des te jaloerser wereld. Landes:

De kern van de zaak is het maken van een nieuw soort mens - rationeel, ordelijk, ijverig, productief. Deze deugden, hoewel niet nieuw, waren zeldzaam. Het protestantisme verspreidde hen onder haar gelovigen...

Als Landes de aloude frase herhaalt dat de tropen mensen lui maakt, laat hij genoeg ruimte voor een racistische interpretatie.

Nog meer vreten voor neo-cons volgt wanneer hij in navolging van Max Weber het Europese succes aan de arbeidsethos van de calvinisten wijdt, je weet wel, die calvinisten die zo'n hoge arbeidsethos hadden dat ze miljoenen zwarten importeerden om voor hen te arbeiden.

Landes onderscheidt drie judeo-christelijke verklaringen voor het "Europese mirakel":

De eerste verklaring is volgens hem het judeo-christelijke respect voor handenarbeid. Als "bewijs" verwijst de historicus naar Genesis, waar Yaweh aan Noa beveelt een ark te bouwen. Nu weten bijbellezers hoe Noa er een gedetailleerd bouwplan bij kreeg, en hoe wat later de goden razend kwaad werden toen mensen besloten op eigen initiatief een toren te bouwen in Babylon.

Profeten en prelaten hebben in hun preken Genesis nooit aangehaald als een lofzang op arbeid, initiatief of vernieuwing. Van het Paradijs tot Babel werden mensen voorbeeldig gestraft voor de minste zonde van nieuwsgierigheid, trots of ambitie.

De tweede verklaring is de judeo-christelijke onderwerping van de natuur aan de mens.

Maar de onderwerping van de natuur - landbouw - bestond op alle werelddelen duizenden jaren voor de bijbel geschreven werd.

Landes meent een "bewijs" te zien in het animisme, dat volgens hem de hele wereld, behalve de geniale christenen, in haar macht hield. Maar tot de achttiende eeuw werden Europese mijnen verlaten omdat er boze geesten in leefden, en nog in de tijd van Erasmus schreef de Paus een voorwoord voor de Malleus Maleficarum (een handboek voor heksenvervolgers) waarin hij erop wees dat boze geesten bezit konden nemen van een lange lijst dieren en planten.

De derde verklaring is het judeo-christelijk besef van een lineaire tijd. Daarmee wordt gedoeld op de bijbelse leer dat de wereld geschapen is en zal vergaan - niet echt een stimulans voor genialiteit lijkt me.

Cyclische tijd, de tijd van planeten en seizoenen, is de tijdsopvatting van jagers en landbouwers, ook in ontwikkelde beschavingen. De lineaire tijdsopvatting is ontstaan met het koningschap: het werd aan paleizen de gewoonte de tijd te rekenen in jaren sinds de laatste troonsbestijging. Wanneer koningslijsten werden opgesteld (de oudste dateren uit de eerste Mesopotamische beschavingen) werden koningsjaren samengevoegd tot lineaire tijd. Het zijn de Perzische zoroastriërs die het eerst een lineaire wereldgeschiedenis bedachten.

Een wetenschappelijker geschiedschrijving.

Het exceptionalisme werd om. bestreden door André Gunder Frank, R. Bin Wong en en Kenneth Pomeranz. Om een lang verhaal (dat op wiki te lezen staat) kort te maken hier wat Marc Ferguson schreef in zijn artikel Why The West:

Het werk van Frank, Wong en Pomeranz dragen naar mijn mening alledrie bij aan de discussie en bieden nuttige inzichten en methodes. Een integrerend perspectief toont ons de Afro-Eurazische wereld, en na 1500 een globale wereld, als een geheel.

Frank heeft een punt dat er geen Europese of Aziatische technologieën waren. De geschiedens toont dat technologie zich over de Euraziatische landmassa's verspreidde; en onafhankelijk van waar een vernieuwing oorspronkelijk verscheen, werd ze opgenomen waar ze nuttig was. Kon technologische en commerciële ontwikkeling een kritische massa bereikt hebben waardoor een grens overschreden werd? Hebben zekere historische contingenties ertoe geleid dat Europa, of beter Engeland een startpunt bereikte? Het lijkt nuttiger om de Europese expansie in de globale context te plaatsen, en de industriële revolutie te bezien als een globale transformatie. Dit laat ons toe de Europese technologische en economische veranderingen te zien binnen de grotere context van wereldwijde economische en culturele uitwisseling. Uiteraard is Frank in de minderheid als hij een wereldsysteem ziet dat al bestaat sinds de oudheid, en het concept van een wereldsysteem sinds de vroege moderne tijd zonder Europees overwicht is door vele historici afgewezen. Anderzijds lijkt het bewijsmateriaal voor netwerken van handel en contacten doorheen Eurazië overweldigend. Zelfs in periodes waarin dat contact verzwakte, bijvoorbeeld na de van van het Romeinse of het Han-imperium, stopten contacten nooit volledig. Het werk van Janet Abu-Lughod over economische systemen in Eurasia laat ons toe netwerken te zien tussen economieën, zelfs waar geen volledig geïntegreerd wereld-systeem aanwezig is.

Het werk van historici als Frank, Wong, Pomeranz en Goldstone hebben tenminste belangrijke vragen opgeworpen over het Westerse exceptionalisme, en hebben methodes voorgesteld die ons toelaten betere vragen te stellen dan "waarom is het Westen uniek?". De belangrijkste vernieuwing in deze nieuwe bijdragen tot het debat zijn de analyse methodes van Wong en Pomeranz. Deze methode - "reciprocal analysis" - laat ons toe vergelijkingen te maken vanuit verschillende perspectieven, veeleer dan samenlevingen te meten met een ideaalnorm. Dit kan historici toelaten veranderingen te begrijpen in de context van historische omstandigheden en contingenties, veeleer dan oordelen over culturele superioriteit versus inferioriteit, of over foutgelopen geschiedenis.

Tenslotte is de overheersing door het Westen slechts een korte periode in de menselijke geschiedenis geweest.

Verdere bronnen

De commentaren zijn van de uitgever tenzij anders aangegeven.

André Gunder Frank: The World System: Five Hundred or Five Thousand Years (1996)

Voor Frank is het afwijzen van Eurocentrisch provincialisme, en het innemen van een globaal perspectief, een herschaling van het World System in een allesomvattend globaal systeem. Dit leidde tot zijn kritiek op Wallerstein, wiens World System hij als Eurocentrisch betitelde. Frank betoogde dat we in een ruimtelijk en historisch ononderbroken systeem hebben geleefd voor de laatste 5000 jaar, eerder dan gedurende de 500 jaar die algemeen aanvaard wordt onder World System theoretici. Kapitaal accumulatie, handel en groei bestonden volgens Frank lang voor de moderne tijd, zowel in het Westen als elders. Het World System volgens Frank is niet enkel pre-modern en pre-Europees, het was ook het kader voor de opkomst en het verval van subeconomieën. De causale pijl wees van het systeem naar de delen, niet andersom.

(bron: http://www.oycf.org/Perspectives2/16_033102/re_orient.htm)

James Morris Blaut: The Colonizer's Model of the World: Geographical Diffusionism and Eurocentric History. (1993)

Uit de inleiding:

Het doel van dit boek is een van de krachtigste overtuigingen van onze tijd over wereldgeografie te ondermijnen. Deze overtuiging is dat de Europese civilisatie - "Het Westen" - unieke historische eigenschappen heeft over alle andere gemeenschappen, in alle tijden tot vandaag. Deze overtuiging zowel historisch als geografisch. Europeanen worden voorgesteld als de "makers van de geschiedenis". Europa gaat eeuwig vooruit. De rest van de wereld gaat trager of blijft steken: dat is de "traditionele samenleving". Daardoor heeft de wereld een permanent centrum en een permanente buitenwereld: Binnenzijde en Buitenzijde. De Binnenzijde leidt, de Buitenzijde volgt. De Binnenzijde vernieuwt, de Buitenzijde imiteert. Dit geloof is diffusionisme, of meer in het bijzonder Eurocentrisch diffusionisme.

Het belangrijkste element van deze theorie is de "autonome opkomst van Europa," soms "het Europese Mirakel" genoemd. Dit betekent dat Europa al voor Columbus vooruitstrevend was, en dus dat de verdere geschiedenis een gevolg is van puur Europese kwaliteiten. Bigevolg, zeggen de aanhangers van deze theorie, kan het kolonialisme niet geleid hebben tot de modernizatie van Europa.

Dit boek wil aantonen dat zulke theorie nergens op steunt, en slechts Westerse folklore is."

Kenneth Pomeranz, The Great Divergence - China, Europe, and the Making of the Modern World Economy. (2000)

Tot 1750 waren er grote overeenkomsten tussen Oost-Azië en Europa. Pommeranz toont ook aan dat er ecologisch weinig of geen verschil was. Het verschil vanaf de negentiende eeuw was te danken, verdedigt Pommeranz, aan de beschikbaarheid van steenkool als vervanger van stookhout. Bovendien waren de Amerika's een rijkere bron voor noodzakelijke producten dan beschikbaar was in Azië. Dit liet een dramatische bevolkingsgroei en verdere industrializatie toe in Noord-West Europa.

Janet L. Abu-Lughod: Before European Hegemony - The World System A.D. 1250-1350 (1991)

Abu-Lughod presenteert een baanbrekende herinterpretatie van de evolutie van de wereldeconomie. Ze stelt dat de moderne wereldeconomie haar wortels niet heeft in de zestiende eeuw, zoals algemeen gedacht wordt, maar in de dertiende eeuwse wereldeconomie - een systeem dat erg verschilde van het Europese wereldsysteem dat er van afgeleid is. Door de stad te gebruiken als analytische werkeenheid, traceert ze een World System dat aan het begin van de veertiende eeuw reikte van Noord-West Europa tot China. Abu-Lughod onderzoekt de redenen van het verval van dit systeem en de daaropvolgende Europese hegemonie.

R. Bin Wong: China Transformed - Historical Change and the Limits of European Experience (1997)

In de sociale wetenschappen wordt nog te dikwijls de foute voorstelling aangehangen dat het Europese ontwikkelingsmodel universeel is. De oplossing is niet de verwerping van Eurocentrische normen, maar wel het opbouwen van complementaire perspectieven, zoals een Sinocentrisch, om het heersende beeld van de Europese ontwikkelingen in perspectief te plaatsen. Volgens R. Bin Wong zal het vergelijkend perspectief China bevrijden van foute verwachtingen, en hen die werken aan het Europese probleem helpen om het specifieke karakter van de Europese ontwikkeling te onderkennen.

Jack Goldstone: Why Europe? The Rise of the West in World History 1500-1850 (2008)

Uit de inleiding:

Het is zeker waar dat de moderne wereld veel te danken heeft aan de politieke en filosofische uitvindingen van de Grieken. Maar het is ook waar dat de moderne wereld zijn religies, cijfers, wiskunde en scheikunde, en de meest algemene gebruiksgoederen als katoenen kledij, porselein, papier, boekdrukken verkreeg uit Afrika en Azië. Terwijl politici het vandaag over een clash of civilizations hebben, trachten de historici zich een beter beeld te vormen van hoe de moderne wereld ontstond met de bijdragen van talrijke beschavingen.


Reacties (9)

   

Bronnenlijst opgenomen in blog.


---
Bewerkt door siger op Jun 12 12 10:21
   

Zou ik luidop durven vragen of je "Wealth and Poverty of Nations" zelf gelezen hebt? Waar je hebt gezien dat de tropen *lui* maken weet ik niet, en dat er heel duidelijk géén ("geen", "no", "nicht", "keine", "nyet") racistische interpretatie bij de relatieve prestaties van de tropen hoort, daar zou ik serieuze weddenschappen over afsluiten.

Maar ik erken wel dat het een behoorlijk rechts boek is, tot het punt waar je er heel veel vragen bij kan hebben. Alleen stel ik voor de kritieken te richten op dingen die er tenminste instaan.

(Over Weber, haakjes omdat ik dat niet meer zo heel zeker uit het blote hoofd weet, zou ik gezworen hebben dat Landes er veel kritiek bijhad, o.a. door voorbeelden te geven van niet-Calvinistische Europese economieën die het heel goed deden, alsook dat o.a. de Japanners zonder Calvinisme een heel soortgelijke ontwikkeling doormaakten. Maar ik kan het mis hebben; elke correctie waarvan je me kan overtuigen zal ik beschouwen als een verbetering van mijn inzicht.)

En tenslotte, ik vond The Great Divergence van Pomeranz een geweldig stimulerend boek, maar zou gergeld de term "Pomeranz toont aan" vervangen door "Pomeranz beweert". Nu, hij toont een hoop dingen ook werkelijk aan, maar een paar van zijn basisstellingen kan je toch echt als heel licht "bewezen" beschouwen.

   

Ja, ik heb "Wealth and Poverty of Nations" (van Landes) gelezen, en ik heb niet de gewoonte om me een mening te vormen aan de hand van wiki. Anderzijds heb ik ook de neiging die dingen hardop te noemen waar de auteur de hele tijd omheen draait.

De racistische inuendo ligt er lagen dik op, maar altijd zo dat desgevallend de onschuld kan gespeeld worden - voor de ene lezer al zichtbaarder en ergerlijker dan voor de ander. Daarom ook heb ik Landes niet van racistische uitspraken beschuldigd, maar van de ruimte ervoor open te laten.

Trouwens, zijn misbruik van het woord "eurocentrisme" is een illustratie van hetzelfde.

Ik heb eerlijk gezegd een hekel aan dat soort schijnbaar objectieve academici die geen open kaart spelen met hun politieke opvattingen. En dan zet ik er met veel plezier een vette lijn onder.


---
Bewerkt door siger op Jun 18 12 4:57
   

Ik kan het niet helpen, maar ik zie hier weer de vraagtekens rond mijn ogen dwarrelen.

Dus Landes "speelt geen open kaart met zijn politieke opvattingen"? ?? ??? (etc)

Welleuh...

En de "racistische innuendo ligt er dik op"? Wel... Als het zo dik is, misschien een voorbeeldje? Zelf heb ik het gelezen in termen van "als jij, blanke caucasiër, in dat soort temperaturen en met zoveel micr-organismen in water en lucht had moeten werken, dan zou er ook niet veel van gekomen zijn".

Maar je mag me gerust corrigeren.

   

Kom, ik volg mijn eigen raad even op. Helemaal aan het begin lezen we:

"(...) no subject or discipline can be less racist than geography. Here we have a discipline that, confining intself to the influence of environment, talks about anything but group-generated characteristics. No one can be praised or blamed for the temperature of the air, or the volume and timing of rainfall, or the lay of the land".

Gevolgd door de effecten van al die dingen op menselijke prestaties zonder dat ik ook maar één hint, laat staan "innuendo", zie dat het allemaal aan het "ras" te wijten is. Dus hoe je dat precies aan "racisme" wil knopen is me werkelijk een raadsel.

Maar je mag me gerust corrigeren.

   

Ik zou wel gek zijn om hier teksten aan te sleuren waar jij dan weer wat anders van kan maken, enzovoort enzovoort. Tussen de regels kan je niets citeren, het staat tenslotte ook tussen de regels om het te kunnen ontkennen.

Je citaat is trouwens een mooi voorbeeld. Racisme is niet "praise of blame" geven aan een groep alsof die door eigen schuld tot het foute ras hoort, want tot een ras behoren is net iets wat je niet kan helpen; en racisten kunnen best vinden dat rassen (op lamarckiaanse wijze) zijn voortgebracht door hun omgeving.

Landes besteedt meer dan een bladzijde aan al de nadelen van de tropen (zoals airco), maar spreekt niet over - bijvoorbeeld - de Egyptische beschaving.


---
Bewerkt door siger op Jun 18 12 11:33
   

OK, eentje dan, verkort omwille van meer duidelijkheid:

"Others accuse the colonial powers of disrupting the equatorial societies [...] the slave trade, by depopulating large areas [..] Most writers prefer to say nothing on the subject.
One must not take that easy way out. The historian may not erase or
rewrite the past to make it more pleasing..."

Wordt hier niet gesuggereerd dat wijzen op de ontwrichtende kolonieën en slavenhandel gelijkstaat met de kop in het zand steken en het verleden op te leuken?

Ik erger me het hele boek door aan zulke handig omfloersde zinnen die onwaarheden suggereren. Hoe kan de bezetting van 9/10 van de wereld en het wegvoeren van tienmiljoen slaven géén economische invloed gehad hebben? Maar ik ben in het smalende (en onacademische) taalgebruik van Landes dan ook "politiek correct" (en dus niet correct, neem ik aan.)

Terzijde, ik denk dat Landes, verrassend maar tactisch, nergens over caucasiërs spreekt.


---
Bewerkt door siger op Jun 19 12 3:17
   

Het lijkt er allemaal nogal op neer te komen dat Landes van racisme beschuldigd wordt, zonder dat je er iets van kan zien. Racisme, dat is blijkbaar niet een kwestie van het toewijzen van bepaalde consequenties (in casu armoede versus rijkdom) aan bepaalde biologisch bepaalde oorzaken, maar wel iets... iets...?

Ja, wat eigenlijk?

En nadat we het zo een tikje, uimmmm... "vaag" hebben gedefiniëerd, is het niet meer zo moeilijk om over racisme te beginnen. Landes praat, inderdaad, nergens over "causasiërs" (of op een andere manier over raciale oporzaken), maar hij is toch een racist. En het "innuendo" "ligt er dik bovenop", maar voorbeelden zijn er niet van. Tenzij ("eentje dan") eentje waarin raciale oorzaken alweer in geen velden of wegen te bekennen zijn. Je voorbeeld gaat over het feit dat Landes niet erg gelooft in anti-kolonialistische verklaringen van armoede vs welvaart. Hij denkt dat dat (inderdaad) de kop in het zand steken is, maar niet om racistische oorzaken weg te poetsen (want die zijn er bij hem niet), maar wel geografische en culturele invloeden (want daar heeft hij het in heel zijn boek over).

Dus omgekeerd is het heel gemakkelijk om citaten te tonen waarin hij heel niet-racistische oorzaken van armoede vs welvaart geeft. Dus natuurlijk mag jij desondanks van mening zijn dat het allemaal racisme is, en dat dan ook nog zo "onzichtbaar" dat het ook nog zeer hypocriet is. Ik kan alleen maar signaleren dat dat op mij zo bizar overkwam dat ik me begon af te vragen of je het boek wel gelezen had.

   

Racisme wordt alleen ingewikkeld als we het ingewikkeld maken. Wie de draad kwijt raakt kan zich misschien op de nog eenvoudiger begrippen als tolerantie en emancipatie richten. Wel, er zijn natuurlijk mensen die ook die begrippen graag in de mist laten oplossen.

Zoals voorspeld is dit alleen maar teksten aansleuren waar ieder het zijne van maakt.

In elk geval bedankt voor je bijdragen, zonder één keer Jezus Christus erbij te halen. Een verademing.


---
Bewerkt door siger op Jun 19 12 11:09

Alleen geregistreerde gebuikers mogen comments plaatsen

Aanmelden of Registreer plaats een reactie