Orde scheppen

In de blog: Wereldvreemd reacties: 71 pdf print

In het nummer van februari 2013 van Scientific American staat een artikel over hoe onze neuronen herinneringen registreren. Wat duidelijk wordt uit dat artikel is dat we nog veel dingen niet weten over hoe ons geheugen wordt gerealiseerd, maar dat het idee van een grootmoederneuron, een enkel neuron dat de herinnering aan je grootmoeder vertegenwoordigt, onjuist is. En ook dat, hoewel onze hersenen in totaal honderd miljard neuronen bevatten, dat er niet genoeg zijn om alles wat wij ons herinneren, als een soort fotografische registratie vast te leggen. De complexiteit van de wereld overtreft de complexiteit van ons brein vele malen.

Tussen alles wat we meemaken, en hoe dat uiteindelijk in de hersenen wordt vastgelegd, zitten vele stappen. Stappen die de invoer van onze zintuigen verwerken tot signalen, stappen die die signalen in een context plaatsen, stappen die zo'n context proberen te karakteriseren en te vergelijken met andere contexten. Stappen die de verschillen en overeenkomsten ten opzichte van eerdere herinneringen registreren, zodanig dat daar nog maar een paar neuronen voor nodig zijn. Er is, kortom, een soort logica die enerzijds gebeurtenissen die we meemaken verwerkt tot registraties in ons geheugen, en anderzijds die registraties gebruikt om die gebeurtenissen in onze herinnering op te roepen, als daar behoefte aan is.

Iets dergelijks geldt ook voor onze woordenschat, en voor ons taalvermogen in het algemeen. We beschikken in onze hersenen niet over een compleet woordenboek, waarin alle woorden die we kennen elk apart zijn opgenomen. Dat blijkt onder andere uit het feit dat we weliswaar nieuwe woorden kunnen leren, maar dat dat niet voor alle woorden even gemakkelijk gaat. Door een computer geconstrueerde kunstwoorden zijn veel moeilijker te onthouden dan woorden die in een normale conversatie tussen mensen worden gebruikt. Er is dus een logica die bepaalt welke woorden acceptabel zijn en welke niet, een logica die bepaalde patronen in woorden onderkent. En het is waarschijnlijk ook die logica die helpt bij het opslaan en terugvinden van die woorden in het geheugen. Dank zij die logica besparen we op de aantallen neuronen die nodig zijn om woorden en andere herinneringen in ons geheugen vast te leggen.

Het opvallende van die logica is dat die niet lijkt op wat we normaliter "logica" noemen, de formalismen waarmee we wiskundige bewijzen vastleggen, en waarmee we symbolische formules omvormen tot andere symbolische formules. Een veelgebruikte uitdrukking is "Taal is niet logisch". Zo duidt "levensgevaar" op een gevaar voor het verlies van je leven, terwijl " overstromingsgevaar" het gevaar voor een overstroming aanduidt. Waarom noemen we het risico om te overlijden dan niet "doodsgevaar"? En zo zijn er nog vele voorbeelden te geven.

Maar of het nu gaat om woorden en herinneringen, of om kennis en handelwijzen, onze logica helpt ons om orde op zaken te stellen. We beginnen met het karakteriseren van indrukken. We leiden er kenmerken uit af die ons in staat stellen die indrukken met andere te vergelijken. En onze logica helpt daarbij om verbanden te leggen. We kunnen overeenkomsten bepalen, afhankelijkheden, oorzaken en gevolgen, voorwaarden en consequenties. De logica biedt ons het gereedschap om standen van zaken aan elkaar te koppelen, formeel of informeel. En zo komen we uiteindelijk tot conclusies over wat het geval is en hoe te handelen.

De logica van ons brein is een andere dan de logica van ons intellect, terwijl dat intellect toch voortkomt uit dat brein. Ons intellect zoekt naar principes, naar recepten om orde op zaken te stellen. Ons intellect biedt ons manieren om met de wereld om te gaan. De werkelijkheid is voor ons zo complex, dat het voor niemand mogelijk is om daarvan een beeld te hebben dat vrij is van inconsistenties. Dan komt het erop neer die complexiteit te verlagen door die werkelijkheid met principes te lijf te gaan. We zoeken een aansprekend verhaal dat de werkelijkheid beter hanteerbaar maakt, zonder dat dat een garantie biedt tegen tegenspraken. Zo bezien is ieder verhaal vatbaar voor kritiek, maar je kunt er altijd over discussiëren welk verhaal beter is dan een ander. En dat is waar het uiteindelijk om gaat: de discussie. Maar dan moet die wel gevoerd worden door mensen die bereid zijn daarin te investeren.

Dat is, denk ik, waar het in de filosofie om gaat: welk verhaal maakt voor ons de werkelijkheid het beste hanteerbaar. En dat is wat filosofen doen: voortdurend daarover in discussie gaan. Want er zijn vele principes denkbaar, en vele manieren om daarmee de complexiteit te lijf te gaan. Punten van discussie zijn: wat zijn de beste principes om orde mee te scheppen? Maar ook: wat is het waarin we die orde scheppen? En: wie zijn wij, dat we de wereld willen ordenen?


Reacties (71)

   

-De computer, internet, Google, enz. geven m.i. reeds een vereenvoudigd beeld van wat er in onze hersenen gebeurt .
-Interactie van opgeslagen impulsen, die langs een logische weg en banen relaties vormen, die in ons brein zorgt voor dat we denken en ons iets herinneren .
-Alleen ons brein, in tegenstelling tot de p.c. heeft zijn eigen wil om deze interacties uit te voeren .
-En deze 'wil' is niets anders dan die logica zelf, die op zich het enige noodzakelijke en als het ware de enige absolute 'wil' is ..,.de ware 'motor' van onze hersenen, ons brein en ons gehele lichaam.
-Valère De Brabandere.

   

Hoi Kweetal,

Op zoek naar de principes waarmee we orde scheppen, dat is wat filosofen doen, maar alleen in discussie met mensen die bereid zijn daarin te investeren. Dat laatste vind ik een beetje eng. Want de meeste mensen zijn natuurlijk helemaal niet bereid om in geestelijk goed te investeren. Stel dat we al discussiërend principes vaststellen, hoe leggen 'wij' (de filosofen) die dan op aan de onwillige anderen? Dus: heb jij enig idee hoe we jouw laatste vraag moeten beantwoorden.

   

Wat heeft een discussie voor zin, als de discussiepartners niet willen meedenken? Dan wordt het een welles-nietes spelletje.
En moeten we anderen wel wat opleggen? Als mensen er hun voordeel mee kunnen doen, wordt het wel geaccepteerd. En zo niet, dan blijft het alleen voor filosofen interessant.

   

Ja, en een voordeel voor de een is een nadeel voor de ander. Laat ieder zijn eigen hemel ontwerpen en je krijgt allemaal verschillende hemelen. Zo bezien is de situatie voor de filosoof hopeloos. Of tenminste van een schrijnende vrijblijvendheid.

   

Een heel andere visie over het mentaal en waar het in feite voor bedoeld zou zijn, kwam ik tegen op
http://www.elektoor.com/gouden-visie-61-januari-2013/het-mentaal-en-zijn-vermogen.aspx

   

"de logica van ons brein is anders dan de logica van ons intellect". Ik kan intuïtief hier wel een onderscheid aanvoelen, maar hoeveel anders is dat? Versta je onder intellect: een eerder cultureel eigengemaakte maar ook gedeelde en aangeleerde wijze van nadenken en denkgereedschap om orde te scheppen in de complexe wereld? Een brein kan van intellect gebruik maken, maar ook niet. Of hoe zie je dat verschil?

   

Onder de logica van het brein versta ik de manier waarop je hersenen te werk gaan om indrukken te verwerken tot herinneringen. Onder de logica van het intellect versta ik de manier waarop ons intellect, dus het bewuste denken, te werk gaat om uit gegevens kennis af te leiden. En inderdaad, dan heb ik het over het denkgereedschap dat wij ons in de loop van vele eeuwen hebben eigen gemaakt. Dus wiskunde, logica en dialectiek, m.a.w. onze manier van redeneren.

   

Bedenk even dat er een omkering heeft plaatsgevonden: de klassieke logica was geen leer om zo goed mogelijk onze eigen (denk)werking te benaderen, maar een leer om ons te hoeden voor de fouten in onze eigen (denk)werking.

Wat jij nu zegt hoeft ons niet te verbazen: dat die klassieke logica niet samenvalt met onze (denk)werking.

Alternatieve logica's zijn maar serieus ontwikkeld in de vorige eeuw - ongetwijfeld omdat het ideaal van de klassieke logica pas dan vernield werd. Een nieuw ideaal dat jij voorstelt is : om onze eigen (denk)werking te benaderen. De vraag is nu of er iets inherent is aan logica (en dus ook de alternatieve logica's) dat zou vermijden dat we dat kunnen.

Misschien is dat zo (denken hoe je zelf denkt klinkt als een val die door Godel bedacht is). Maar wat je hierboven beschrijft is volgens mij perfect verenigbaar met iets als fuzzy logic - ik zou dan ook de vraag stellen of je uberhaupt een benadering kunt voorstellen die inherent a-logisch is. Ik weet dat je met holisme en dergelijke meer speelt, maar ook hier is de vraag of je die benadering kunt *voorstellen*, dat wil zeggen neerschrijven en verduidelijken.

   

Wat ik in mijn stukje "logica" noem staat voor meer, zoals ik hierboven aangeef. Het staat eigenlijk voor ons redeneervermogen in het algemeen. Niet voor niets vonden Aristoteles en Kant dat er naast de logica nog iets moest zijn dat niet aan zulke strikte regels gebonden was. Dat noemden ze dialectiek.

   

Ik gebruik de term "logica" om de overeenkomst aan te geven tussen wat onze hersenen doen en wat ons redeneervermogen doet.

   

Nu ben ik in de war, ik krijg de kloof tussen het eerste en laatste deel van je tekst niet verwerkt.

Eerste deel: het brein werkt niet met vaste categorieen maar lost elk probleem contextueel op.
Tweede deel: het intellect wil de werkelijkheid reduceren met vatbare begrippen.

Denkend aan andere bijdragen van je kan ik voorstellen dat je nu effectief denkt aan zoiets als het 'slimmere' on(der)bewustzijn. De suggestie is dan dat het brein contextueel open is en het intellect contextueel gesloten. Tot hier ben ik mee met je model, maar hoe je dan het verband legt tussen die twee delen kan ik niet meer volgen.

Is het brein omwille van het voorgaande niet logisch? Dat volgt toch niet uit het model, het kan even goed zijn dat het brein verschillende logische verhalen (onbewust?) uitprobeert en dat het intellect het meest aantrekkelijke verhaal daaruit filtert. Zelfs oefeningen zoals dialectiek kun je in die zin opvatten: dialectiek vertelt een omstandig verhaal waardoor meer randinformatie wordt gegeven aan het brein, waardoor de niet-relevante mogelijkheden door het intellect kunnen worden uitgesloten.

Het volgt alvast ook niet uit je beschrijving van het brein, die met beide lezingen compatibel is.

   

Brein: logica = indrukken -> herinneringen (onbewust)
Intellect: logica = gegevens -> kennis (bewust)
Zoals een computer letterlijk (programma)logica gebruikt voor het verwerken van data tot informatie.

   

Ik vraag het nog voor de zekerheid: je ziet dus geen fundamenteel verschil tussen het onbewuste en het bewuste, beide zijn logisch beschrijfbaar?

   

Logica kan ook misleidend zijn.
Bijvoorbeeld: A is machtiger dan B en B is machtiger dan C. Hieruit volgt niet noodzakelijk dat A machtiger is dan C. Sociale machtsrelaties beantwoorden vaak weinig aan logische regels. Of denk aan het volgende: de vijand van mijn vijand KAN een vriend zijn (meestal tijdelijk) maar ook een vijand of geen van beide;
Ons brein moet bijgevolg ook uitgerust zijn om toch orde te kunnen scheppen en conclusies te kunnen trekken uit vaak onlogische machtsrelaties. Indien ons brein enkel in staat zou zijn logische conclusies te trekken, dan waren we als sociaal wezen al lang uitgestorven, want veel te voorspelbaar.

   

Zie mijn commentaar op de reactie van Tsunami.

   

Dat taalbeheersing een hele andere wijze van denken inhoudt, dan louter logica, hebben ook de programmeurs van Watson de supercomputer ondervonden. Watson is naar menselijke breindenken te dom om gepast en ongepast taalgebruik van elkaar te onderscheiden en toe te passen. Nochtans een elementaire vaardigheid die je best zo snel mogelijk ook als kind aanleert en verwerft, wil je met enig succes kunnen communiceren en overleven met andere kinderen en volwassenen. Een brein moet snel contextafhankelijke keuzes kunnen maken die relevant zijn en de juiste emotionele lading en intentie hebben.

   

Een computer kan alleen maar logisch denken. Alle basisoperaties zijn letterlijk logische operaties. En met die logica kan ook een simulatie van het zenuwstelsel worden geprogrammeerd.

   

-Maar in tegenstelling tot de computer wordt ons brein vanuit het brein zelf bestuurd ; m.a.w. er is naast de logische gang van 'zaken' en relaties ook nog een 'wil' in ons brein, die weliswaar ook zelf vanuit andere logische relaties werkzaam is ... Valère De Brabandere-

   

In een (leer)boek over anatomie (mbo-niveau) kwam ik eens de veronderstelling tegen dat het geheugen (de informatie in ons geheugen) ligt opgeslagen in het cytoplasma van de zenuwcel (neuronen). In tegenstelling tot normaal cytoplasma (van een wat algemener celtype) bestaat dit uit een wat vettige substantie, waar dit anders meer op zeewater gelijkt.
Het was voor mij voldoende om aan te nemen dat dit best wel eens zo zou kunnen zijn, aangezien een (precieze) locatie van het geheugen ook (nog) niet gevonden is door de (medische) wetenschap.

De gedachtenstroom -de manier waarop wij onszelf (ons geheugen) ervaren- vond ik overigens erg gelijken op het proces dat zich afspeelt in de zogenaamde 'synaps-spleet' van de zenuwcel. Dit proces wordt door zenuwcellen gebruikt om met elkaar te communiceren en zo signalen (informatie) van en naar de hersenen geleiden. Onze 'gedachten' zullen wel net zoiets zijn besloot ik, aangezien ook daarbij geldt dat een (precieze) locatie (nog) niet is gevonden en ik dus maar aanneem dat onze gedachten min over verspreid over de hersenschors 'ontstaan'.

Taal (dialectiek) en logica is best een goed punt dat je aanhaalt (ik heb het weleens erger meegemaakt ;-)) en het doet me denken aan een ander voorbeeld dat ik na die tijd las, waarin een psycholoog beschreef hoe iemand met dementie wanhopig op zoek was naar het woord 'lepeltje' om uit te komen bij het woord 'roerseltje', omdat zij eigenlijk gewoon iets nodig had om mee in de koffie te roeren.
Ik neem aan dat dit voorbeeld je vraag (grotendeels) beantwoord, al zul je jezelf misschien (nog) enige moeite moeten getroosten om het van toepassing te maken op de rest van de vragen die je nog mocht hebben over dit onderwerp.

   

Alleszins een erg interessant artikel van Scientific American. Het ondersteunt de paradigmashift van een mechanistisch computerbrein naar een model van orde uit in wezen chaotische recursie waaruit iets met betekenis oprijst. Het brein is biologie en ecologie. Natuurlijker, maar moeilijker te populariseren dan het computermodel, dat nu wel echt naar het recyclagepark mag.

   

Het kunnen produceren van een 'roerseltje' kan wellicht duiden op uit het feit dat er toch 'ergens' een soort van krachtige 'processor' aan het werk is die zorgt voor een soort 'rekenkracht'. Als deze demente persoon iets had moeten oplepelen (soep bijvoorbeeld) dan ware het wellicht makkelijker geweest om op het woord 'lepeltje' te komen voor haar, bedacht ik me later.
Ze wil gaan roeren, het woord woord 'lepeltje' kan ze niet opkomen en het woord 'roerseltje' bestaat niet. Toch 'flanst' ze het in elkaar (met haar gebrekkige vermogens) en dit 'verraadt' dan toch wel weer het bestaan van een krachtig centralistisch aandoend fenomeen in ons hoofd dat als het ware boven de (letterlijke) informatie staat en ons ook zo veelzijdig maakt wellicht.

   

Hmmm..., lijkt me typisch een subject-centristische redenatie. ScA heeft uiteraard gelijk als het gaat om de noodzakelijke biologische lagen die nodig zijn om o.a. taal te spreken en (dus) de woorden en regels te herinneren. Maar een beetje postmodernist zal zich niet bezondigen aan het al zoekend reduceren van dergelijke vermogens tot slechts hersenfuncties. Taal overstijgt het individu in al haar complexiteit. Het individu neemt er deel aan, ontleent er de betekenis der dingen aan en is op die manier in staat om bijvoorbeeld tot neuro-linguïstische hypotheses te komen als hierboven. Voor mensen die graag in informatica-analogieën redeneren: wij zijn eerder 'domme' terminals, voorzien van complexe elektronica die deelnemen aan een neuraal netwerk: zonder netwerk is de terminal clinisch dood. Door het individu als ‘aangesloten deelnemer’ aan het (taal)spel te beschouwen, is ook de intersubjectiviteit van de betekenis gegarandeerd, iets waarover je neuro-wetenschappers die het zinvol spreken volledig in de hersenen situeren, niet hoort. Ongetwijfeld valt er nog heel veel wetenschappelijks in de hersenen te ondekken, zoals wat er aan 'hardware' zoal nodig is om betekenisvol spreken of herinneren te kunnen uitoefenen. Maar ze halen daarbij soms vreemde kunstgrepen van stal zoals een aangeboren universele grammatica in de hersenen (Chomsky) of een aangeboren language of Thought (Fodor).

Deelnemen aan taal veronderstelt het vermogen tot herinneren en tegelijk is herinneren zonder taal niet mogelijk (het herkennen van een beeld veronderstelt dat je betekenis ervan is aangereikt door participatie in de taal).

   

Je wordt uiteraard niet geboren met de grammatica van een specifieke taal in je hersens. Maar wat is er vreemd aan een aangeboren gevoel voor grammatica?

   

Sorry voor het negeren van de reply-button: zie onder mijn antwoord.

   

Dat 'uiteraard' is, zoals je mogelijk weet, buitengewoon omstreden. Velen hangen die mentalistische gedachten im- of expliciet aan. Bij Chomsky ontwikkelt de verondersteld aangeboren universele grammatica zich bij het kind razendsnel tot de grammatica van de eigen (moeder)taal. Of er zoiets als een 'gevoel voor grammatica' zou bestaan, waag ik te betwijfelen. Honger-, lust- en pijn-reflexen eerder. De crux is dat je als kind van lieverlee leert (Wittgenstein zegt zelfs 'africhten', maar hij was natuurlijk Duitstalig) deel te nemen aan het taalspel. Daardoor leert het de betekenis der dingen en ook de 'grammatica'. Het bevindt zich a.h.w. in de positie van een beginneling in het toneelspel, maar zal er allengs competenter in worden en uiteindelijk ook zelf betekenis gaan toevoegen aan dat talige netwerk dat wij met ons allen onderhouden (en dat je ook 'cultuur' kunt noemen).

   

Hoe komt het dan dat op latere leeftijd het vermogen tot taalverwerving sterk afneemt, terwijl het leervermogen voor zaken als rekenen en lezen juist toeneemt? Hoe komt het dat een kind een taal kan leren zonder dat het expliciet regels krijgt voorgeschoteld? Hoe komt het dat het zinnen kan produceren die het nooit eerder heeft gehoord?Daarvoor moet je over een grammatica beschikken, maar zo'n kind heeft nooit expliciet een grammatica geleerd. De meeste ouders zouden ook niet weten hoe zo'n grammatica in elkaar zit.

Het verhaal van Wittgenstein, over taalspelen, heeft niets te maken met taalverwerving, maar enkel over hoe we met betekenissen omgaan, los van de specifieke taal.

   

Onjuist, je laatste zin! Zie 'africhten' van het kind bij W in de Phil.Untersuchungen. En over 'rules' (bij benadering wat wij 'grammatica' noemen): bij W. volg je regels die in het spel zelf tot stand zijn gekomen door competente spelers ('regels' moet je hier nog iets ruimer zien dan een vastgelegde grammatica). Vergelijk het met kinderen die ook vaak tijdens het spel de regels formeren/veranderen. Stel je ook een spel voor waarin de rollen gaandeweg tot ontwikkeling komen.
Creativiteit ontwikkelen in het taalspel (het spreken van nooit gehoorde zinnen) is een kwestie van training, zoals je spontaan iets aan je rol in een spel kunt veranderen of toevoegen.

Wittgenstein is niet makkelijk, maar neuro-wetenschappers zullen het met deze gang van zaken nooit gaan redden. Prettig weekend gewenst!

   

Beste onwijsgeer,

Je schreef:
<<<Bij Chomsky ontwikkelt de verondersteld aangeboren universele grammatica zich bij het kind razendsnel tot de grammatica van de eigen (moeder)taal.>>>
Ik denk niet dat er discussie bestaat over hoe snel kinderen de taal van hun omgeving leren. Dat zien we namelijk met z'n allen dagelijks gebeuren toch? En hoe zou dat tegengesteld zijn aan "van lieverlee"?

Chomsky wijst er net op hoe een aangeboren generieke grammatica zich verschillend kan ontwikkelen in andere culturen. Het generieke is aangeboren, niet het culturele. Zie ook Elisabeth Spelke.

   

Ja als je mijn berichtjes leest, zie je dat ik v.w.b. Chomsky hetzelfde beweer. Zijn aangeboren generieke grammatica kan natuurlijk nooit specifiek op 600 verschillende talen zijn gericht. Door interactie met vooral de moeder, zal die generieke grammatica zich 'uitvouwen' tot een lokale variant. De centrale vraag is alleen hoe die universele grammatica nou aangeboren kan zijn. Treffen we dat als dna aan (zoals een computer-prom is voorgeprogrammeerd?), dan moet dat aantoonbaar zijn wat volgens mij niet het geval is (niet te verwarren met het instrumentarium dat in de hersenen als noodzakelijk voor het taalvermogen kan worden beschouwd: Wernicke, Broca, etc.) Ook Jerry Fodor beweegt zich op glad ijs als hij stelt dat er een aangeboren Language of Thought zou zijn. Wat mij betreft is er bij deze weters sprake van whisful thinking, hoewel het best mooie hypotheses zijn.

De bottom line is voor mij of neuro-weters ooit in staat zullen zijn de werkelijkheid dusdanig geweld aan te doen dat we gaan aannemen wat Chomsky/Fodor adepten geloven. Dat is niet heel waarschijnlijk maar wel mogelijk als het subtiele weefsel dat we taal en betekenis noemen langzaamaan in die zin wordt aangepast door hen. Door de techniek is onze taal en dus de betekenis van wat we zien ook drastisch veranderd. Maar dat is weer een ander verhaal.

'Van lieverlee' gebruikte ik in de zin van gaandeweg, hoewel, toegegeven, toch nog onverklaarbaar snel.

   

Het denken in een taal hangt samen met het spreken ervan, en daarvan kun je de ontwikkelingen bij kleine kinderen redelijk goed volgen, als je ze tenminste zelf hebt en er ook oog voor hebt uiteraard. Zo heb ik in de aanloop naar het spreken (met woorden) mijn dochter soms dingen horen zeggen in een brabbeltaaltje waarvan ik haast steil achterover sloeg zo lief dat ze klonk. Het gebeurde niet vaak, was totaal niet te verstaan, maar je moet van steen zijn als je het niet jammer vindt dat je dat niet op video hebt. Ik herinner het me wel gelukkig, en het moest er ook even uit geloof ik.
Ik vermoed dat het (willen) spreken van taal samengaat met het horen van taal en dat het leerproces ongeveer verloopt zoals onwijsgeer hierboven ergens kort schetst. Copieer-gedrag of na-apen is toch waar we het van moeten hebben uiteindelijk en kinderen beginnen er (als het goed is) al vroeg mee.
Zo lijkt ook bijvoorbeeld de papegaai of de beo overigens geen eigen (primitief) geluid te hebben en zal daarom (?) de geluiden gaan imiteren die het dier om zich heen hoort. Zo zijn er al vogels gesignaleerd/geregistreerd die perfect het klik-geluid van de zelfontspanner van een camera na kunnen doen, maar nog veel meer die het geluid van een kettingzaag kunnen imiteren!

   

Onwijsgeer,

Ik denk dat er vandaag niet veel evolutiebiologen (/filosofen) nog geloven dat het DNA een stockeerplaats van zichtbare eigenschappen van het organisme is. Een kind erft naast de genen ook nog een hele omgeving die zich uitstekt van het cytoplasma tot de cultuur. Dat samenspel is dan ook nog aan toevalligheden onderhevig en gaat feitelijk een hele leven door in wisselende verhoudingen. "Aangeboren" is dus een tricky woord. Ik vraag me af of er wel een moment is (na de eerste celdelingen) waarop het DNA het alléén voor het zeggen heeft.

Pieter voorhans,

Het imiteren van opgevangen geluiden is niet hetzelfde als taal, ook niet als die geluiden woorden zijn. Heel wat sociale dieren zijn in staat tot communicatie, maar taal is bij uitstek communicatie met artificiele symbolen (bijvoorbeeld woorden.) Steeds gaat het hier om cultuur meer dan om neurologie.

   

Siger,

Ik weet niet of ik je goed begrijp. Mij lijkt dat het DNA juist wel de zichtbare (waarneembare) eigenschappen van een organisme tot uitdrukking brengt. In die zin is ook het vermogen om te spreken aantoonbaar in de hersenen en ook in het DNA (het foxp4-gen bijvoorbeeld).
Maar waar het om gaat is dat veel neuro- en cognitieve wetenschappers ook de (lokale) grammatica in de hersenen willen situeren om nog maar niet te spreken over onze gedachten en onze herinneringen (waartoe ook de grammatica en onze woordenschat behoren). Nogmaals, iedereen begrijpt dat dat er infrastructuur in de hersenen moet zijn om te kunnen spreken en herinneren. Maar een specifieke gedachte of een herinnering kunnen traceren in woord en beeld lijkt mij onmogelijk (en ongewenst!).

We hebben het eigenlijk over het aloude 'nature-nurture' dilemma.

   

Kan je eens aangeven waar je meent dat het foxp4 gen in verband wordt gebracht met spraak?

Ik vind dat foxp4 in het genoom van zowat alle gewervelden voorkomt, en oorspronkelijk bij muizen bestudeerd werd (http://www.ncbi.nlm.nih.gov/pubmed/12617805.) Zoals genen doen, produceert het een bepaald eiwit in een bepaald milieu. Het komt vooral tussen tijdens de embryonale ontwikkeling van longen, zenuwstelsel en ingewanden.

Bij mensen (http://www.genecards.org/cgi-bin/carddisp.pl?gene=FOXP4) is expressie van het foxp4 gen teruggevonden in tientallen weefsels.

De kans dat iemand met een defect foxp4 gen niet kan spreken (indien al levensvatbaar) is groot, maar daaruit besluiten dat we een gen voor spraak hebben gevonden lijkt me niet juist. Ook dit gen lijkt me een illustratie van wat ik hierboven schreef.

Verder ben ik er redelijk zeker van dat grammatica, gedachten en herinneringen zich in ons zenuwstelsel bevinden, alleen is veel daarvan kneedbaar; de omschrijving "aangeboren" slechts geldt voor ruwe, schematische, en vooral veranderbare toestanden.

Ik had het hierboven over Elisabeth Spelke. Zij heeft de opvattingen van Noam Chomsky uitgebreid naar gebieden die taal voorafgaan, en steunt daarbij op haar eigen erg boeiende cognitieve experimenten met peuters, maar ook op studies van andere primaten en afgezonderde culturen. Haar conclusie is dat 4 (of 5) cognitieve "core systems" algemeen voorkomen: (1) dingen (objects) en hun eigenschappen als continue beweging, heelheid, stuwkracht; (2) doeners (agents) met doelen, middelen en interacties ; (3) aantallen (number) met schaling, reeksen, optellen, aftrekken; (4) plaatsen (geometry) met afstanden, hellingen, onderlinge schikking. (5) zou kunnen zijn het herkennen van de eigen groep door dialect en uitzicht.

   

Uit tweelingonderzoek weten we dat een heleboel genetische kenmerken afhangen van uitlokkende omgevingsfactoren. Bijvoorbeeld stel een gen X dat in omgeving A als resultaat 1 geeft terwijl datzelfde gen X in omgeving B resultaat 2 geeft. Epigenetische factoren kunnen bepaalde genen in- en uitschakelen, enz. Sommige genetische kenmerken zullen niet afhangen van omgevingsinvloeden en andere wel. En sommige genen kunnen slechts gecombineerd wisselwerken en een invloed uitoefenen onder bepaalde omgevingsinvloeden, enz... Het plaatje is soms ingewikkelder dan op het eerste gezicht vaak wordt aangenomen. Bovendien kan een bepaald gen een voordeel bieden in een conditie A en nadelig zijn onder conditie B. Men hangt een beetje te vaak het simplistische genetische modelletje aan van bloedgroepen, kleur van ogen, chromosomale afwijkingen, enz.... waar inderdaad het lijkt dat genetische invloeden doorslaggevend kunnen zijn. Maar helaas worden ook vele andere kenmerken niet zo eenduidig genetisch bepaald. Bekijk genen als een blauwdruk of plan om een huis te bouwen. Wel afhankelijk van de architect, de aannemer, het aanbod van de materialen, de professionaliteit van de bouwvakkers, de werkomstandigheden, de bouwgrond, de prijzen, zal de kwaliteit van het huis daarvan het resultaat zijn. Het is zo klaar als een klontje dat het bouwplan alleen niet volstaat. Idem voor een bevruchte eicel. Het DNA alleen zal niet garanderen, hoe kwalitatief het organisme zal kunnen groeien en zich ontwikkelen. Eeneiige tweelingen kunnen behoorlijk van elkaar verschillen wat betreft gevoeligheid voor bepaalde factoren, gezondheid, persoonlijkheid, gender enz.. De ene tweeling kan suikerziek zijn en de andere niet, de ene kan muzikaal zijn en de andere niet, de ene kan homo zijn en de andere hetero, enz.... En toch delen ze de zelfde genen!!

   

Hallo siger,

Het imiteren van opgevangen geluiden is niet hetzelfde als taal schrijf je, maar ik wilde er ook slechts mee aangeven dat het wel is hoe taal zich begint te ontwikkelen in ons hoofd. Je zou kunnen zeggen dat een parkiet-achtige van nature krijst/gilt, net als een baby, en onder invloed van cultuur geluiden gaat imiteren. Toch blijft het imiteren van een kettingzaag dan echter een merkwaardig in dat opzicht.
Uiteraard is onze cultuur vol van taal en is dit -naast het gemak dat het gebruik van taal biedt- een belangrijke motivator voor een kind om zich (intensief) met taal bezig te gaan houden, ook al gebeurd dit min of meer ongemerkt. Bij de vogel is het 'spraakvermogen' wellicht ontstaan als onderdeel van het paringsritueel (om indruk te maken op de vrouwtjes) maar wat (inderdaad) ook opvalt bij parkieten is hun (aanleg voor) een hogere vorm van sociale omgang met elkaar dan zeg maar beren. Dolfijnen (walvissen) hebben ook zoiets, alleen is het voor ons erg moeilijk te ontcijferen wat die allemaal naar/met elkaar 'brabbelen' in hun eigen 'dialect' en echo-klik-taaltje uiteraard. Hadden Chimps maar een wat meer door-ontwikkeld strotteNhoofd denk ik wel eens, om daarna naar/op mezelf te wijzen en uit te roepen: "Maar dat hebben ze toch ook! Dat zijn 'de mensen'.

Wat betreft de locatie van hersenfuncties houd ik mij vast aan het feit dat het wellicht zo is dat de neuronen van ons sensibele- en motorische zenuwstelsel die de functie IRL vervullen ook verantwoordelijk zijn voor het 'onthouden' hiervan. Onthouden in combinatie met andere (aanverwante) informatie middels de (talloze) verbindingen tussen neuronen onderling. De precieze invloed/structuur van die verbindingen zal wellicht altijd een soort mysterie blijven, evenals het antwoord op de vraag hoe het (in godsnaam) mogelijk is dat we (een bonte doch gestructureerde) verzameling van moleculen überhaupt een geheugen en gedachten kunnen hebben op grond van (wat) chemie en elektro-techniek.
Bij uitval van een bepaald gebied is het echter (zeer goed) mogelijk dat een ander gebied in de hersenen deze functie overneemt, zoals de medische wetenschap duidelijk heeft kunnen constateren volgens mij.

   

Beste Onwijsgeer,

Kun je aangeven waar in Wittgensteins Philosophische Untersuchungen hij het over taalverwerving heeft? Ik dacht dat ik dat boek redelijk kende, maar ik ben het er nergens in tegengekomen. Taalspelen zij bij W. dingen die je kunt doen met taal. Maar ze hebben niets te maken met het leren van een specifieke taal.

En wat betreft het creëren van zinnen die een kind nog nooit gehoord heeft: die zinnen moeten wel taalkundig correct zijn. Ze moeten voldoen aan de regels van de grammatica van de taal die het kind spreekt. Maar dat kind heeft van niemand ooit regels geleerd. Toch kan het ze gebruiken. Dan moet die grammatica, of in ieder geval het vermogen tot het opstellen van een grammatica wel aangeboren zijn. Kinderen blijken al op heel jonge leeftijd taalkundig correcte zinnen van niet correcte zinnen te kunnen onderscheiden.

   

Beetje laat misschien met antwoorden, maar ik doe een poging.

Tweede alinea:
Ja het leren van taalkundig correcte zinnen gebeurt zoals ik al zei in de taalspelen zelf: je verwerft competentie, waarvan de regels deel uitmaken. Jij ziet 'grammatica' i.t.t. W in de taalkundige zin: een set van regels uit een boek. Die moeten volgens jou (en veel anderen) wel aangeboren zijn. Maar dat hoeft natuurlijk helmaal niet: de regel voor het gebruik van een wegwijzer moet je bijvoorbeeld aanleren (PU 85). Dat is een metafoor voor het aanleren van het gebruik van taalregels. Het volgen van een regel is een gewoonte die je verkrijgt door hem te gebruiken (o.a. PU 198, 199).

Eerste alinea.
Nee 'taalverwerving' komt er niet in voor, is m.i. ook minder relevant want onderdeel van het totale proces van betekenisvorming. Het gaat W om betekenisverwerving. Dat vindt plaats middels taalspelen. Voordat het kind de betekenis van een woord leert, moet het al ingeburgerd zijn in de betekenis van het gebaar aanwijzen, van 'dit', en 'dat' etc. (het 'aanwijs- en benoem-spel'). Zie bijvoorbeeld de eerste paragrafen (o.a. PU 5). Het gaat erom hoe het kind de betekenis van de dingen leert (door "africhten", trainingsspelen). Er zijn talloze soorten taalspelen (W noemt er meen ik 14 in PU 23). Het verwerven van een taal is het 'africhtspel' v.w.b. kinderen. Net zo goed dat een 'bevel-spel' een ander toneelstukje (met andere rollen) is dan een 'hier-volgt-een-mededeling-spel', zo is een '(vreemde taal-)leer-spel' van andere aard dan politieke discussie-spel' etc. Je kunt in een taalspel allerlei 'dingen doen met taal' (doet me aan Austin denken, jou ook?), zoals ook het leren van een specifieke taal, incl. de regels.

Maar dat weet je allang omdat je het boek redelijk kent. En overtuigen kan ik een mentalist toch niet (net zoals jij mij niet).

   

Beste Kweetal,

Je schrijft: "Maar dat kind heeft van niemand ooit regels geleerd. Toch kan het ze gebruiken. Dan moet die grammatica, of in ieder geval het vermogen tot het opstellen van een grammatica wel aangeboren zijn."

Ik betwijfel (zelfs) of je echt meent wat je zegt, maar ik zal het je toch proberen uit te leggen.
Het kind leert de regels van de taal omdat deze taal (met behoud van de regels) aan hem of haar gepresenteerd worden in de vorm van communicatie. Als je het goed wil doen uiteraard, anders moet je je eigen taalvermogen (helemaal) aan je kind aanpassen en de hele dag poekie- poekie... tegen hem zeggen, dáár zal die veel van leren. Had ik het (hier) al over een fopspeen gehad? Laat je niet foppen want het is ècht géén gezicht.. zeker niet bij een kleuter van 3.
Maar al doende leer je (het kind) dus de wetmatigheden van de taal, waarbij hoort dat er ook uitzonderingen op (deze) wetmatigheden zijn. Soms lijken de uitzonderingen onlogisch en vraag je je misschien af waarom die er zijn. Taal komt voort uit onze geschiedenis en die is van vele dingen afhankelijk, maar taal past zich aan en kan daardoor ook verwateren zelfs, zoals je op het internet ziet gebeuren onder (vooral) jongeren (hoop ik).

Verder schrijf je: "Kinderen blijken al op heel jonge leeftijd taalkundig correcte zinnen van niet correcte zinnen te kunnen onderscheiden."

Dat komt uiteraard omdat ze het op een bepaalde manier geleerd hebben, en het dus ook zullen merken als er (plotseling) iets veranderd is. Ze zullen je zeggen dat je het niet goed doet wellicht, maar als jij (als volwassene) ze dan vertelt dat jij gelijk hebt en zij het toch ècht fout zien, dan zullen ze al snel (weer) gaan twijfelen aan zichzelf ben ik bang.

En verder: kweetnie / kweetwel / kweetall

   

Beste Pieter,

Heb jij kinderen? Zo ja, dan weet je dat ze je regelmatig kunnen verrassen met hun taalvondsten. Verder doet jouw reactie niets anders dan open deuren intrappen. Natuurlijk leert een kind de grammatica van een taal door het gebruik. Maar om een grammatica te leren, moet je wel een notie hebben van wat een grammatica is. Je moet, bewust of onbewust, weten dat taal aan regels voldoet, en hoe die regels met elkaar samenwerken. En zonder dat aangeboren besef, dat je door niemand is bijgebracht, zoals ik al schreef, kun je geen taal leren. Dat is waar Chomsky het over heeft. Zie: http://nl.wikipedia.org/wiki/Universele_grammatica

   

Wat is het verschil tussen een geletterd kind en een ongeletterd kind? Ongeletterde kinderen zijn quasi analfabeet. Zij beschikken nauwelijks over de basisvaardigheden om zinnen op een gestructureerde wijze te vormen, Op een gestructureerde wijze zinnen vormen helpen je om exacter gedachten, gevoelens, ideeën te formuleren Ongeltterde kinderen zijn nauwelijks in staat om teksten of boeken te lezen en te interpreteren. (wat meer is dan woordjes lezen en begrijpen!) Zij kunnen geen deftige zinnen schrijven. Zij beschikken niet over een basispakket rekenvaardigheden om op een gestructureerde wijze te tellen of te rekenen met geld, hoeveelheden in te schatten, samenhang te ontdekken tussen grootheden. Ze zijn niet of nauwelijks in staat tot begrijpen en het onderscheid maken tussen grootheden waar we dagelijks mee omspringen (lengte, oppervlakte, volume, gewicht, massa, snelheid, dichtheid, stroomsterkte, spanning, energie. Zij zijn later niet in staat begrippen te leren zoals recht evenredigheid, gemiddelde. Zij zijn nauwelijks in staat grafieken te lezen of iets schematisch weer te geven in tabellen. Want ook vele rekenvaardigheden vereisen structurele taalvaardigheden. In onze moderne samenleving is men zelfs analfabeet als je niet voldoende ICT- vaardig bent, enz... Het begint al in de lagere school. Vele elementaire logische regels vereisen een minimum aan grammaticale taalvaardigheid. Dat zijn allemaal dingen die ze op school leren en zeker niet spontaan door louter gebruik en communicatie kan worden verworven. Kinderbreinen beschikken over dat vermogen, maar dat betekent daarom nog niet dat ze geen oefening nodig hebben om dat allemaal te verwerven. Het beschikken van een aangeboren taalvermogen is slechts een beginvoorwaarde om een kinderbrein te kunnen vormen tot een geletterd brein. Je kan bonobo's en chimpansees door zeer exhaustieve training tot een zeker niveau van geletterdheid brengen, maar dat is helaas beperkt omwille van het feit dat bonobo breinen en chimpansee breinen niet over zo'n aangeboren taalvermogen beschikken als mensen.

   

Je gooit hier nogal wat zaken door elkaar. Zo betekent ongeletterd precies het zelfde als analfabeet, namelijk: niet in staat om te schrijven of lezen. Maar dat heeft helemaal niets te maken met het vermogen om goede zinnen te produceren. Vele ongeletterden kunnen beter uit hun woorden komen dan professoren in de Nederlandse taal. En wat je er allemaal nog meer bij haalt, dat slaat nergens op. Taalvermogen heeft niets te maken met vaardigheid in rekenen, of met computers.
En ongeletterdheid heeft vaak ook niets te maken met intelligentie. Veel mensen, vooral in niet-westerse landen hebben gewoon nooit leren lezen en schrijven, omdat dat voor mensen met hun afkomst simpelweg niet mogelijk was. Toch kunnen ze zich vaak uitstekend redden in hun strijd om het dagelijkse bestaan, beter dan jij het zou kunnen in hun situatie.

   

Je kunt een autist best leren lezen, ook al zal dyslexie hem wellicht parten spelen en ervoor zorgen dat hij meer moeite heeft om woorden van elkaar te onderscheiden dan iemand anders. Toch wordt een autist niet gekenmerkt door dyslexie maar eerder door een star brein. Zo´n strak brein zorgt ervoor dat de autist (vrijwel) niet tussen de regels door kan lezen en dus een stuk minder meekrijgt uit de tekst dan een gemiddeld persoon.
Beide personen lezen dus dezelfde woorden in dezelfde volgorde, alleen de autist heeft net dat stukje tussen de regels door gemist, waardoor de tekst dus wellicht vragen onbeantwoord laat voor hem.

Er zijn zelfs autisten die, hoe ze ook hun best doen, het net niet lukt om datgene op te pikken dat voor ieder ander zo vanzelfsprekend lijkt dat het gewoon een open (geworden) deur is.

   

Dan heb je het gewoon vierkant mis mijnheer Kweetal. De samenhang correlatie tussen functionele (grammaticale) taalvaardigheid en functionele rekenvaardigheid is gewoon een statistisch gegeven dat momenteel zelfs wordt onderzocht vanaf de kleuterperiode. Jongeren die hoger scoren op functionele taalvaardigheidstesten, scoren doorgaans ook hoger op functionele rekenvaardigheidstesten en omgekeerd. Het is zelfs zo dat dyslexie maar weinig impact heeft op de resultaten van een functionele taalvaardigheidstest (die meer meet dan louter spelling). Er worden totaal geen relevante correlaties vastgesteld tussen begrijpende leesvaardigheidstesten functionele rekenvaardigheidstesten en zelfs functionele taalvaardigheidstesten.
Het gaat hier immers om meer dan zuiver technische leesvaardigheid. Iemand kan perfect technisch zeer leesvaardig zijn, maar is daarom niet in staat zich goed uit te drukken in geschreven zinnen. Iemand kan perfect mondeling zeer spreekvaardig zijn, maar is daarom niet in staat een gestructureerde geschreven tekst te maken. Dat vraagt immers bepaalde vaardigheden die je gestructureerd moet inoefenen. en inderdaad dat heeft weinig rechtstreeks te maken met intelligentie (als aangeboren vermogen) op zich, maar neem een identieke tweeling waarvan 1 school volgt en leert functioneel taalvaardig en rekenvaardig te denken en de andere heeft de pech geen school te volgen. Onderwerp nadien deze beide tweelingen aan een intelligentietest of een test waarbij probleemoplossend denken een belangrijke rol speelt en je zal het verschil wel degelijk meten en vastellen. Maak het nog extremer. Laat 1 van de tweelingen opgroeien in een westers land waar het volwaardig school kan volgen en de ander in een ontwikkelingsland waar het geen school volgt. Zonder gestructureerd denken kom je weinig verder. Vergeet niet dat probleemoplossend denken en intelligentie ook afhangt van hoe je leert denken en op een gestructureerde wijze leert problemen analyseren en oplossen. Intelligentie is niet louter een kwestie van erfelijkheid, maar ook een kwestie van scholing en training van het denkvermogen.
Autisten hebben eerder problemen met sociaal intelligent handelen en denken, maar ook daar kan een training helpen. Bovendien is een hoge intelligentie helemaal geen garantie of waarborg voor schoolsucces of succes in het latere leven. Dat schijnt nogal een vastgeankerd misverstand te zijn. Belangrijker is jongeren en kinderen functionele denkgereedschappen via taal en rekenen aan te bieden waarmee ze later beter kunnen functioneren in allerhande situaties. Wie als kind het geluk heeft op te groeien in een stimulerende omgeving waarbij aandacht bestaat voor gestructureerd denken via taal, rekenen, sociaal interacties, creatief leren uiten, enz... zal meer kansen hebben om later te slagen in het leven dan louter afgaan op hoe intelligent het kind wel is.
En u moet mij geen nonsens gaan verkopen dat kinderen en jongeren die nooit deftig een basis functionele taal ren rekenvaardigheid hebben meegekregen zich uitstekend kunnen redden in hun strijd om het dagelijkse bestaan. Het zijn juist deze kinderen en jongeren die het meeste risico lopen in de marge van de samenleving en de armoede terecht te komen. Ontwikkeling begint met scholing, dat weten ze en erkennen ze zelfs in de ontwikkelingslanden. Iemand die geen onderwijs kan genieten, blijft dommer! Ik heb les genoeg gegeven aan volwassenen die amper basisonderwijs hebben gevolgd en waarvan enkele zo goed als analfabeet. Een tweedekansonderwijs was voor die volwassenen een een ware revelatie en een start om hun emancipatieproces zelf in handen kunnen nemen.
En vergeet maar die domme uitspraak: " Vele ongeletterden kunnen beter uit hun woorden komen dan professoren in de Nederlandse taal". Laat ze eens allebei een brief schrijven, een verslag of een tekst en kijk dan eens wie het verst raakt. Praatjesmakers zijn daarom geen betere denkers. Wie vlot kan kwekken in de moedertaal is daarom niet functioneel taalvaardig.

   

Beste Stefan,

Hoe zou ik een reactie serieus moeten nemen waaruit blijkt dat de schrijver nog niet eens het onderscheid weet tussen taalvaardigheid en (on)geletterdheid? Je kunt er nog zoveel woorden aan vuilmaken, maar onzin blijft onzin. Iemand die ongeletterd is, kan over een grote mate van taalvaardigheid beschikken.

   

Taalvaardigheid is een breed concept. Maar blijkbaar heb je weinig kaas gegeten van wat functionele taalvaardigheid inhoudt en hoe belangrijk de samenhang is tussen geletterdheid en functionele taalvaardigheid. Dat onderscheid leren maken zal je alvast behoeden niet zo'n domme uitspraken te maken als: " Vele ongeletterden kunnen beter uit hun woorden komen dan professoren in de Nederlandse taal". Als je enkel taalvaardigheid beschouwt als spreekvaardigheid, Een getrainde functionele taalvaardige bonobo, hoeft niet spreekvaardig te zijn om toch concepten logisch te kunnen hanteren en te gebruiken op een niveau dat hoger staat dan dat van een kleuter. Een bonobo of een chimpansee die leert een symbolentaal te hanteren van een honderdtal woorden via schrifttekens gekoppeld aan een bepaalde grammatica is in staat te communiceren op een denkniveau van een kleuter.

   

Blijkbaar heb je nog steeds niet door wat "ongeletterd" betekent. Begin nou eens met dat woord op te zoeken. Nou begin je in paniek van alles te roepen, maar wat wil je nou eigenlijk beweren? Geloof je nou echt dat iemand die een wetenschappelijke studie van taal heeft gemaakt per definitie over betere taalvaardigheden beschikt dan een marktkoopman?

En het zou ook wel fijn zijn wanneer je de kreten die je slaakt op de een of andere manier zou onderbouwen. Beweren kun je van alles, maar laat het nou ook maar eens zien.

   

Juist jouw uitspraak "Geloof je nou echt dat iemand die een wetenschappelijke studie van taal heeft gemaakt per definitie over betere taalvaardigheden beschikt dan een marktkoopman?" toont aan dat je niet snapt wat functionele taalvaardigheid inhoudt. De eerste vormen van geletterdheid treden al op van het ogenblik de prehistorische mens op botjes inscripties maken van de stand van sterren en hemellichamen of al blijk geeft van symbolische abstracte en figuratieve weergaven (grottekeningen, beeldjes). Nog voor dat mensen een schrift hanteren, waren ze al in staat op een symbolische wijze taferelen weer te geven (zeer waarschijnlijk verhalen, mythologieën, religieuze opvattingen of belangrijke sociale evenementen weer te geven die cultureel functioneel waren om te kunnen overleven). Zelfs de prehistorische mens was meer geletterd dan de mensaap en was al in staat op een complexer symbolisch taalniveau dan louter spraak en klank te communiceren. Zo laat een rotstekening uit het late Neolithicum in Cangyuan (Yunnan, China) een scene zien uit het gemeenschapsleven van mogelijk een feest of een of andere herdenking, waar je naast een soort van plattegrond van een dorp met paalwoningen ook menselijke activiteiten zijn afgebeeld. Nog voor de mens verhalen schreef, tekenden ze al waarschijnlijk verhalen die ze mondeling doorgaven van generatie tot generatie. De menselijke taalvaardigheid reikt verder dan louter spreken en voortbrengen van klanken. Elementair is dat mensen symbolisch kunnen denken en dat niet enkel met woorden doen, maar ook concepten symbolisch kunnen weergeven. Mensapen kan je wel gebarentaal aanleren en via symbolische figuurtjes leren communiceren, maar mensen zijn in staat veel verder te gaan. Mensapen kunnen dan wel eenvoudige gereedschappen maken en gebruiken, maar ze zijn niet in staat op een of andere manier cultureel hun kennis symbolisch vast te leggen en door te geven. Grottekeningen of symbolische uitingen van taferelen zullen we daarom ook niet vinden bij mensapen. Over dat niveau van symbolisch taalvermogen beschikken mensapen gewoonweg niet. Een 'geletterde mensaap' is een mensaap die het heeft geleerd van mensen maar niet van zichzelf. Het symbolische taalvermogen van mensapen is beperkt en daarom zijn ze ook niet in staat veel kennis cultureel over meerdere generaties door te geven en dit te cumuleren op een wijze zoals mensen dat doen. Leren noten kraken moeten ze telkens opnieuw 'uitvinden' door na te bootsen van andere vaardige mensapen. Typisch menselijk is ook dat de prehistorische mens al vrij snel geometrische figuren gebruikt en niet enkel als ornament. Driehoeken, cirkels en vierkanten behoren al snel tot de functionele weergave van abstracte symbolen en vormen. Nog voor er sprake is van schrift en wiskunde, was de prehistorische mens al in staat op een functionele wijze gebruik te maken van symboliek.

   

Hou toch eens op met die slappe smoezen. We hadden het helemaal niet over prehistorische mensen. Je had het over ongeletterde kinderen, over taalvaardigheid in verband met rekenvaardigheid en IT-kennis. En nou kom je opeens met de prehistorie. Alles om maar te voorkomen dat je moet toegeven dat je eerste reactie nergens op sloeg. Ja, ik weet het onderscheid tussen taalvaardigheid en functionele taalvaardigheid. Maar die laatste heb je er alleen maar bij gehaald om te verbergen dat je maar wat uit je nek kletste.

   

Johan samengevat, kan je misschien zeggen dat op het woord het beeld volgde (grot-tekeningen) en dat dit weer de aanleiding vormde voor de vorming van schrift. Vooraf aan het woord ging wellicht het imiteren van dierengeluiden en/of het animeren (entertainen) van elkaar. Dieren waren immers voedsel/vijand en dus belangrijk (genoeg) om te verschijnen in een grot uiteindelijk. Animatie is weer belangrijk binnen het groepsproces, daarom heeft de kraam van een goede marktkoopman ook zo veel toeloop bijvoorbeeld.

Het woord heeft uiteindelijk onze interesse voor de (rest van) wereld ontketend, aangezien we (onvermijdelijk) ook dingen gingen benoemen die niet direct tot onze leefomgeving behoorden als buffels, reeën en wat je al niet meer aantreft op eeuwenoude muurschilderingen in een grot (analyseren).

   

OK Laten we erven uw onkunde illustreren met wat wetenschap uit de ontwikkelingspsychologie, beste Kweetal en eens orde scheppen in je uitspraken.
De wereld van de volwassene is in tegenstelling tot die van het kind georganiseerd. Volwassenen kunnengevoelens, gedachten, dromen, wensen, dingen die buiten ons staan en de wereld van mensen op een bepaalde wijze ordenen. Volwassenen hebben een greep op de dingen omdat ze die meestal los van hen zien als objecten. Bij kinderen is dat duidelijk nog niet het geval. Kinderen ervaren geen duidelijke afstand tussen de wereld en zichzelf. Men noemt zoiets objectpermanentie als ze dat wel kunnen. Objectpermanentie is een belangrijke stap om op een symbolische wijze om te gaan met de wereld van objecten en de omgeving. Symboolformatie ontwikkelt zich pas vanaf 18 maanden en stelt het kind in staat dingen te zien als een verwijzing naar iets als iets anders dan wat ze in werkelijkheid zijn.
TAALONTWIKKELING speelt hierbij een belangrijke rol en valt samen met het begrip voor symbolen en het beschikken over voorstellingen.
Schenk Danziger toont aan dat het rollenspel bij kinderen de volgende kenmerken heeft die zowel voor TAALgebruikals het omgaan met symbolen voorwaarden zijn:
1. alsof instelling 2. willekeurige symboolformatie of begripsvorming 3. toekennen van menselijke kwaliteiten aan dingen of dieren 4. rollen (fictieve omvorming van personen) 5. imitatie van handelingen
Via onder andere TAAL ontwikkelt de cognitie van het kind, het denken en kennen. Dat hangt af van een culturele context en zorgt ervoor dat bijvoorbeeld een Afrikaan, Aziaat of wie dan ook de wereld anders organiseert. Het gaat zelfs verder. Een wetenschapper zal op basis van wat hij heeft geleerd de wereld anders ordenen, dan bijvoorbeeld een filosoof of een schrijver of een kunstenaar. Afhankelijk van de vorming van een persoon zal de wereld voor die persoon in het brein anders georganiseerd zijn. Visies en wereldbeschouwingen ontstaan immers niet zomaar uit het niets. Als kind worden je hersenen als het ware cognitief volgelepeld met informatie, ervaringen, leerprocessen, vaardigheden, waardoor je de wereld op een unieke persoonlijke manier gaat organiseren, bekijken, ordenen en proberen te vatten.

De representatie van de wereld verloopt via 1. beeld en losse indrukken die ingeprent blijven in het geheugen (vanaf 4 jaar). (Bijv: een bepaalde geur kan bepaalde belevenissen oproepen thuis of iets wat ze hebben meegemaakt)
2. Symbolen. Een symbool is een andere vorm van representatie waarbij het specifieke gebeuren wordt overstijgt en verwijzen naar iets dat het zelf niet is. (Bijvoorbeeld een doos is een auto, een stok een geweer, enz. Later leren kinderen dat vele symbolen een verwijsfunctie hebben
3. Vanaf de kleutertijd ontwikkelt het regelbewustzijn bij een kind en krijgen concepten, begrippen meer vorm en groeit bij het kind de behoefte om vele belevenissen te ordenen en ontdekken ze samenhang en causale relaties. Kinderen ervaren nu dat begrippen, concepten een set van algemene eigenschappen representeren.
4. Kinderen leren formele en informele regels als een relatie tussen 2 of meer concepten. Bijvoorbeeld: water is nat, vuur is warm (de meeste formele regels berusten op natuurwetmatigheden) terwijl de informele regels eerder berusten op afspraken en ervaringen of zelfs culturele vooroordelen en stereotiepen. (Koekjes zijn zoet, jongens zijn flink )

Taal is functioneel en ook al kunnen kleuters nog niet schrijven en zijn ze nog niet zo geletterd als kinderen en volwassenen die hebben leren schrijven, beschikken kleuters al over een zekere geletterdheid. Kleuters kunnen vlot logo's herkennen van reclameproducten op TV, ze associeren met het liedje en zelfs erbij vertellen wat het is. Later als ze naar school gaan breidt hun repertoire aan taal en functionele taalvaardigheid uit en krijgen ze hierdoor meer en meer grip op de wereld en kunnen zij die beter ordenen, verklaren, samenhang ontdekken of begrijpen en verklaren. Naarmate hun geletterdheid toeneemt, zullen ook functioneel vaardiger worden Nog later wanneer men verder studeert kan dit verder ontwikkelen tot een meer functionele wetenschappelijke benadering van de wereld.
(Men onderschat bijvoorbeeld nog altijd de impact van de sociale leefomgeving van een kind en het beheersen van een al of niet beperkte of meer uitgebreide taalcode om die wereld te ordenen, te beschrijven, te verkalren of te vatten)
Via taal leren kinderen al wiskundige relaties of regels. (kleiner dan , groter dan, gelijk aan, behoort tot, heeft als kenmerk dat, enz.....) Wie meent dat taalvermogen niets heeft te maken met rekenvaardigheden of zelfs computers, heeft duidelijk nog geen kinderen bezig gezien en heeft weinig benul van wat cognitie inhoudt en hoe dat zich ontwikkelt (of zelfs heeft ontwikkelt vanaf de prehistorie tot nu vanuit dezelfde vermogens van ons brein, maar met de capaciteit die kennis op te slaan en weer te geven via concepten, symbolen , regels, indrukken en ervaring, het leggen van causale verbanden, die mogelijk zijn dank zij ons functionele taalvermogen.
Blijkbaar ben je mijnheer Kweetal niet zo goed in staat om verbanden te leren zien en te leren leggen. Nochtans een belangrijke functionele vaardigheid om nieuwe dingen te leren en beter de wereld te vatten en te ordenen. Denk er eens over na alvorens zelf platte smoezige commentaren te bedenken zonder enig afdoend argument of wetenschappelijke evidentie! Toch last van enige arrogantie???

   

Heel knap bij elkaar gegoogeld. Maar snap je eigenlijk zelf wel wat je schrijft? Je hebt het steeds over functionele taalvaardigheid. Maar zoek nou eens het woord "taalvaardigheid" zelf op, en vertel me dan of je het nog onmogelijk acht dat een marktkoopman over meer taalvaardigheid beschikt dan een professor. En toon nou eindelijk ook eens aan, met betrouwbare cijfers, dat ongeletterden over minder taalvaardigheid beschikken dan geletterden. Let wel, ik heb het hier, zoals overal gewoon over taalvaardigheid, en niet over functionele taalvaardigheid. Dat is een ander begrip, maar dat zul je met je gegoogel wel niet door hebben gekregen.
En wat betreft het verband tussen taalvaardigheid en rekenvaardigheid: hoe verklaar je het verschijnsel van de "idiots savants" die de moelijkste sommen uit het hoofd doen, maar die zich nauwelijks in taal kunnen uitdrukken? En nou alsjeblief niet weer zo'n eindeloos lulverhaal, maar graag referenties en cijfers.

   

Ach Ja, ik googel niet zoveel als jij. Ik heb wel degelijke naslagwerken thuis. De bovenstaande info kan je eigenlijk al lezen in ontwikkelingspsychologie van Mönks en Knoers. Ik googel enkel om degelijke boeken te selecteren. Wikipedia raad ik weinig aan mijn leerlingen tenzij als aanvulling. De meeste jongeren snappen maar de helft wat ze vinden op Wikipedia en denken dat ze door knippen en plakken intelligent bezig zijn. Pluk er een moeilijk woord uit en ze weten amper wat het wil zeggen. Wat je kent dat kan je uitleggen (liefst met eigen woorden en voorbeelden). En dat is wat ze op de eerste plaats leren bij mij. Daarna kunnen ze eens gaan opzoeken wat interessant is op Wikipedia.

   

Geletterdheid is de kennis en vaardigheid die nodig is om via geschreven taal te communiceren en informatie te verwerken, de vaardigheid om met numerieke en grafische gegevens om te gaan en de vaardigheid voor het gebruik van ICT.
Functionele taalvaardigheid is de brede waaier aan taalvaardigheden (zowel spreekvaardigheid, luistervaardigheid, leesvaardigheid, schrijfvaardigheid) die je moet beheersen in functie van concrete doelen waarbij je die vaardigheid voldoende moet beheersen om goed te kunnen communiceren en informatie te winnen, te selecteren, te verwerken en weer te geven, enz....
Bijvoorbeeld: informatie uit verschillende soorten teksten kunnen halen. Informatie mondeling kunnen inwinnen, essentie halen uit een tekst en bondig beschrijven, een brief opstellen, een email sturen, bronnen volgens de geijkte afspraken weergeven, formulieren kunnen invullen, CV opstellen, verslag maken, mondeling een gebeurtenis kunnen rapporteren, geanimeerd een verhaal kunnen vertellen, de informatie uit een grafiek kunnen interpreteren en in woorden uitleggen, je gevoelens, gedachten op een verstaanbare wijze kunnen weergeven, argumenteren, een interpretatie of beoordeling geven van iets of iemand, jezelf kunnen beoordelen, enz……
Het spreekt voor zich dat functionele taalvaardigheid heel wat meer inhoudt dan woorden kennen en begrijpen, correct woorden en zinnen kunnen uitspreken, correct zinnen kunnen formuleren, correct spellen en grammaticale regels toepassen. Functionele taalvaardigheid vereist daarom ook een bepaald niveau van geletterdheid en cognitie. Bepaalde concepten zijn nu eenmaal abstracte gegevenheden, waar het ontbreken van basiskennis, leiden tot foutieve interpretaties en beeldvorming, foutieve logische redeneringen en besluiten trekken, misverstanden.
De meeste concepten en begrippen worden intuïtief, via ervaring aangeleerd. Maar je merkt pas hoe geletterd iemand is van het ogenblik iemand in staat is zelfs schijnbaar eenvoudige begrippen eenduidig en duidelijk kan definiëren of omschrijven. Je zou ervan verschieten hoe moeilijk sommige kinderen en jongeren kunnen uitleggen wat een bloem is. Afhankelijk van hun kennis zal de omschrijving van wat een bloem is, grondig verschillen. Iemand zonder enig biologisch inzicht, zal niet de link leggen tussen bloemen en voortplanting bij planten en zijn zelfs verbaasd te horen dat ook planten seksueel zich kunnen voortplanten . Een bloem is dan voor hen niet meer dan het gekleurde sierlijke deel van een plant dat in tuinen en de natuur groeit en in winkels kunnen gekocht worden of waar de bijen nectar halen om honing.
Kleuters kunnen perfect een bloem herkennen en benoemen, zelfs algemeen omschrijven maar kinderen van de basisschool hebben ook geleerd dat bloemen stampers hebben en meeldraden en dat wanneer bloemen bestuifd worden, daar vruchten kunnen uitgroeien, enz. Nog later zullen ze leren dat uit pollen die op een stamper terechtkomen, een pollenbuis groeit met mannelijke gameten en dat het vruchtbeginsel eicellen bevat . Ze leren dan dat meeldraden en stampers eigenlijk de voortplantingsorganen van de bloemplant. Je zou ervan verschieten hoeveel mensen in de lach schieten als je beweert dat wanneer je iemand een ruiker bloemen aanbiedt, je eigenlijk de seksorganen van een plant aanbiedt. Toch is het waar.
Voor vele mensen is een rups een soort worm en niet de larve van een vlinder, enz… Geletterdheid begint met kennis en die kennis en informatie leer je opslaan door middel van taal en reproduceren door taal.
Kinderen die via taal leren hoeveelheden te schatten op een correcte wijze, zullen later ook makkelijker rekenen en functioneel rekenvaardig leren denken. Vele woorden echt begrijpen zoals: de helft, het dubbele het vijfvoud, meer, minder, groter, kleiner, even groot, even zwaar, even veel zijn belangrijke concepten om later bijvoorbeeld meer abstracte wiskundige bewerkingen te begrijpen en weer te geven. Het vervangen van een zin in een formule is al het leren weergeven van eenvoudige vergelijkingen zoals Jan is 3 jaar ouder dan Piet. Piet is drie jaar en opa is 10 keer ouder dan Jan. Hoe oud is Opa? Je zou ervan verschieten hoe weinig kinderen doorhebben dat een breukgetal identiek is aan een deling en dat een procent niets anders is dan een breuk met noemer 100 en dat decimaal dat niets anders betekent dan je getal met honderd delen. Zoiets leren ze op school. Functionele rekenvaardigheid hangt sterk samen met functionele taalvaardigheid.
Al of niet goed informatie kunnen vinden via internet hangt voor vele kinderen en jongeren af van het invoeren van de juiste trefwoorden. Hoe meer trefwoorden met een gelijkaardige betekenis je kent, hoe meer sites waar je de gewenste informatie kan opzoeken, kan vinden. En dan moet je nog leren herkennen of de gevonden informatie op die site wel relevant is en betrouwbaar. Grafieken leren interpreteren en opstellen met PC is een klus voor vele jongeren. Hoe leer je structuur aanbrengen in teksten, hoe maak je schema’s en tabellen? Hoe orden en classificeer je data op een goede manier, enz…? Niet allemaal zo vanzelfsprekend voor vele kinderen en jongeren, maar het zijn wel vaardigheden die ze vandaag voldoende moeten beheersen om hun wereld te ordenen en te begrijpen.
Misschien moet je eens wat meer stage volgen op scholen om te ondervinden dat het aanleren van vaardigheden en het ontwikkelen van cognitie wat meer inhoudt dan enkel een leuke babbel kunnen doen, wat leuke tekstjes kunnen schrijven rekensommetjes maken. En wat vooral belangrijk is de meeste talenten erf je niet, maar ontwikkel je door oefening. En uiteraard zal de ene op een bepaald vlak wat meer talent hebben dan de ander maar dat hoort nu eenmaal bij variatie. En over 'idiot savants' daar zijn zelfs de specialisten het nog niet over eens. In elk geval Einstein was zeker geen idiot savant!

   

Weer zo'n lulverhaal. Ik vroeg om cijfers en referenties. Ik mag dus concluderen dat je het nergens hebt kunnen verifiëren, en er dus maar wat op los kletst?
En weer gaat het over FUNCTIONELE taalvaardigheid. Hoeveel open deuren kun je intrappen? Het ligt voor de hand dat als iemand een bepaalde functie bekleedt, hij over meer functionele taalvaardigheid beschikt, met betrekking tot die functie, dan iemand die dat niet doet. Tot de functionele vaardigheden van een professor in de taalkunde hoort dat hij op de hoogte is van taaltheorie. Maar toon nou eens concreet aan dat het onmogelijk is dat een marktkoopman zo'n professor kan platlullen, als het over gewone alledaagse zaken gaat.

   

E=MC² is ook maar een gok volgens mij hoor, want ze hebben die bom wel gebouwd, maar hoe maak je nou van energie weer materie? Scoren wordt journalistiek en dan krijg je dus scorebord-journalistiek in de wetenschap en voor je het weet wordt àlles aanbeden wat de beste man produceert en/of uitkraamt.

Zoals de baby gemotiveerd wordt om te huilen omdat ie honger heeft of zich gewoon verveelt, zo moeten ook kinderen door iets gemotiveerd worden om zich vrij intensief met zoiets vervelends als taal en rekenen bezig te gaan houden op school. Stel het je voor alsof ik morgen zou besluiten dat jij Russisch moet gaan leren. Also, das nie leuk dus. Wat wij vroeger wel erg leuk vonden op school was als de juf een mooi verhaal (op spannende wijze) voorlas, of apekooi bijvoorbeeld, waarbij je helemaal zelf mocht bepalen waar je je op ging uitleven, allemaal.
Met die afwisseling van leuk en serieus/ werken kan zelfs een ADHDer nog heel ver meekomen met 'de besten' maar de juiste balans voor een bepaalde klas moet uiteraard steeds gezocht worden.

Na de 'sprookjes' maak je de wetenschap interessant om naar te luisteren voor de kinderen, waardoor zij ook meegevoerd worden in deze wereld en blijf het vooral ook illustratief maken middels proefjes en ook het wijzen op de natuur- en scheikunde die dagelijks om ons heen plaatsvindt en om zich heen grijpt in allerlei producten. Leer hen vooral ook science van fictie onderscheiden zou ik zeggen, maar je weet pas echt hoe kwalijk iets is als je het zelf gezien hebt of er alles vanaf weet natuurlijk.

   

Zelf heb ik overigens (met de beste bedoelingen) getracht om mijn dochter op jonge leeftijd (te vroeg) vertrouwd te maken met letters middels enige woorden -aap, noot, mies, duif, grijs enz.- van het leesplankje die als decoratie op haar gordijn stond. Ze kon me de woorden vrij snel noemen die bij de plaatjes hoorden, maar als ik het moeilijker maakte -door de plaatjes af te dekken en haar aan de letters over te laten- leek ze het met geen mogelijkheid te kunnen snappen. Om het haar te willen laten snappen heb ik haar (te hard) verweten dat ze het gewoon niet wílde zien of zo en kwaadheid door laten schemeren zeg maar. Aangezien het mij niets opleverde ben ik er (gelukkig) ook vrij snel mee gestopt, maar het is niet iets dat ik nog snel zal doen zeg maar. Toch kan ik mij wel voorstellen iedereen wel eens een manier zoekt om zijn of haar kind te 'beschermen' voor wat het later te wachten staat in de maatschappij door het een voorsprong te willen geven op de gebieden die je belangrijk acht hiervoor.

Taalvaardigheid in de handen van een marktkoopman werkt waarschijnlijk niet, zolang hij dit niet verborgen houdt en wel gewoon de taal van het volk blijft spreken, die uiteraard zijn klanten zijn. De klant zou zich afkeren van de waar die de koopman aan te bieden heeft wanneer deze ook maar enigszins (openlijk) uit de hoogte zou gaan doen en uit zijn rol van de 'immer joviale' valt. Kouwe kak met geletterdheid 'dat gaat hem dus niet worden' maar wat zich intussen in zijn hoofd afspeelt daar kun je enkel maar naar 'raden' door een beetje naar zijn lichaamstaal en vooral naar het al gemene plaatje te kijken. Kouwes was ook best goed met taal overigens.

   

Sedert wanneer is iemand platlullen een bewijs of indicatie voor taalvaardigheid? Nou ben je toch echt nonsens aan het verkopen en zelf aan het lullen, nietwaar Kweetal? Kan dan bijvoorbeeld een doofstomme zich niet taalvaardig uitdrukken met gebarentaal?
En is een schrijver die amper uit zijn woorden raakt, maar met de pen heel vaardig zich kan uitdrukken, dan niet taalvaardig?
Is taalvaardigheid dan enkel voor jou een kwestie van spreekvaardigheid (en dan nog spreekvaardig in de betekenis van vlotjes iemand kunnen platlullen!!!) Nou moe, laten we voortaan dan maar even taalvaardig lullen. Straks ga je al de postmodernistische taalvaardige Franstalige intellectuele lullers (die even voor schut werden gezet door Sokal en Bricmont) nog verheffen tot het toppunt van taalvaardigheid.

   

Wat versta jij dan onder taalvaardigheid? Zoek het eens op. Dan zie je verschillende woordenboeken die zeggen "de vaardigheid van een vlot gebruik van de taal". En waarvoor gebruikt men de taal? Om ander mensen ergens van te overtuigen of iets te laten doen. Waar is taal anders voor? Om leraren te plezieren? Taalvaardigheid betekent dat je veel met taal kunt doen. En dat kunnen marktkooplieden in het algemeen heel goed. En dat kunnen ook sommige schrijvers heel goed, door taal op schrift te stellen. Het gaat, zoals gezegd, om het gebruik van taal, in welke vorm dan ook. En drogredenen zijn geen goed gebruik van taal, want door iemand met enige opleiding gemakkelijk te ontmaskeren. De drogreden die jij hanteert is de stroman, d.w.z. mij woorden in de mond leggen die ik niet gezegd heb, respectievelijk een voorbeeld presenteren als een algemene uitspraak. En sommige van de Franse postmodernisten zijn zeer taalvaardig. Maar als je onweerspreekbaar wordt tegengesproken ben je niet taalvaardig.

Ik zou zeggen: kijk eerst eens of je vooroordelen door anderen worden gedeeld, voordat je die als maatstaf voor uitspraken van anderen gaat gebruiken.

   

Sommige marktkooplieden zijn functioneel spreekvaardig en verstaan de kunst om anderen te overtuigen met woorden en hun producten te verkopen. Taalvaardigheid is zo'n breed begrip, dat je dat beter kan concretiseren naar specifiekere functionele taalvaardigheden. Dat mensen een bijzonder talent hebben gekoppeld aan een specieke functionele taalvaardigheid, betekent nog niet dat ze op andere domeinen erg taalvaardig zijn.
Een specifieke functionele taalvaardigheid kan je makkelijker meten, dan algemene taalvaardigheid. Wat is dat vlot gebruik van taal? Iemand die zich vlot met woorden kan uitdrukken, is daarom nog niet in staat een boek of een tekst te vatten. Sommige mensen zijn zeer luistervaardig en zeer bekwaam in het juist interpreteren wat iemand met woorden wil uitdrukken, terwijl anderen totaal niet of zeer gebrekkig over die vaardigheid beschikken. Taal is functioneel. Iemand kan het talent hebben zeer expressief verhalen te vertellen, en niet of slecht in staat zijn een verslag te maken van een vergadering. Iemand kan prachtige poezie schrijven, maar op een gebrekkige wijze een stelling verdedigen en argumenteren.
Taalvaardigheid definieren als de vaardigheid van vlot gebruik van taal is zo algemeen dat je daar weinig mee kan aanvangen, tenzij je het gaat concreter omschrijven in functie van iets dat je kan meten.
Iemand die een brede woordenschat heeft of vele woorden verstaat, kan daarom nog geen goed boek schrijven.
Anders gesteld: om uit te maken of iemand beschikt over een of andere taalvaardigheid, dan kan je dat best concretiseren in functie van iets, of gewoon als een van de vele functionele taalvaardigheden die je kan beheersen. Iemand die op vele vlakken functioneel taalvaardig is of leert op vele vlakken functioneel taalvaardig te worden, zal cognitief vlotter functioneren op vele vlakken. Iemand die getraind is in het lezen van romans, kan het best moeilijk hebben in het doorworstelen van juridische teksten. Dat heeft ook te maken met het beheersen van geletterdheid. Je kan bijvoorbeeld kennis hebben van een bepaald vakgebied en vertrouwd zijn met een bepaald vakjargon en daar zeer vaardig in zijn, maar een kluns in het uitdrukken van je gevoelens en emoties.
Besluit: spreken over taalvaardigheid heeft enkel zin als je dat concretiseert op het niveau van functionele taalvaardigheden. Iemand die stottert kan prachtige literatuur schrijven. Wie is nou vlotter in taal? De man die thuis is in vakjargon, de man of vrouw die goed kan communiceren op relationeel vlak, de vrouw die prachtige verhalen kan voorlezen, de secretaresse die moeiteloos notitie kan nemen nodig voor het opstellen van een zakelijke brief? Of is de bedrijfsleider die goed kan communiceren met zijn personeel taalvaardig? Ze kunnen allemaal op een of andere manier vlot en functioneel met taal overweg. En welk criterium ga je dan hanteren om uit te maken wie nu het meest taalvaardig is en overweg kan met taal? De tolk die vlot kan vertalen of de vertaler van een boek maar zelf niet in staat is zo vlot als een tolk zich spreekvaardig te uiten in de vreemde taal? Of is de toneelspeler, acteur of actrice meer taalvaardig? Of die wetenschapper die er in slaagt een moeilijke theorie bevattelijk en verstaanbaar weer te geven aan leken? Allemaal voorbeelden van functionele taalvaardigheden.
Maar wie kan van al deze voorbeelden objectief het onderscheid maken wie nu het meest taalvaardig is? Weet jij dat zomaar. Wat is dat 'vlot gebruik van taal' ? Dat is gewoon een doeddoener en zeer afhankelijk van het gekozen criterium om onderscheid te maken in taalvaardigheid. Is iemand met een woordenschat van 10000 woorden taalvaardiger dan iemand met een woordenschat van 5000 woorden? Dat lijkt me een zeer triviaal criterium. En het kan best zijn dat iemand zich zeer expressief in een dialect kan uitdrukken, maar dat helemaal niet beheerst in de standaardtaal. Is die man of vrouw nu meer of minder taalvaardig?? Is een migrant die 5 talen beheerst maar spreekt met een zwaar accent, niet taalvaardig??? Sommige durven dat als criterium hanteren om te besluiten dat je niet genoeg de thuistaal van het land beheerst en raken hierdoor moeilijker aan werk. Hoe taalvaardig moet je zijn om als taalvaardig iemand beoordeeld te worden? Je kan daarom beter spreken over functionele taalvaardigheden en welke je voldoende moet kunnen beheersen om goed te functioneren in een bepaalde context.

   

Het is toch zo simpel: een vlot gebruik van taal betekent dat die taal voor jou oplevert waarvoor je haar wilt gebruiken. Dat heb ik al eerder geschreven. Taalgebruik dient een doel, en als je dat doel bereikt, ben je vaardig in het hanteren van taal. Is dat een dooddoener? Je zoudit criterium nog kunnen verfijnen door ervan uit te gaan dat naarmate je minder woorden nodig hebt voor het bereiken van dat doel je taalvaardiger bent, of dat naarmate het doel moeilijker te bereiken is je taalvaardigheid groter is als je het toch doet. Lijkt me in de praktijk goed toe te passen.
Jij denkt blijkbaar dat taalvaardigheid overeen komt met de vaardigheid in het produceren van gigantische lappen tekst, getuige jouw reacties iedere keer. Maar dan verwar je toch kwaliteit met kwantiteit. Het gebruik van meer woorden maakt niet een bewering meer waar, zeker als veel van die woorden over zaken gaan die met de kern van de zaak weinig te maken hebben.

   

Mijn tekst is weg = Ik had gelijk.
Zo goed?

   

Wat ik nog steeds niet snap is wat je hier zoekt. Is geenstijl niet een veel betere site voor jouw ontboezemingen? Deze site is een filosofie site, en het is de bedoeling dat je op de inhoud reageert, en niet op de man speelt.

   

Eigenlijk vertel je nu gewoon wat ik heb verteld beste Kweetal, Hoe meer functioneel taalvaardig je bent (en dus in staat je taalvaardigheid en taalkennis toe te passen op verschillende domeinen) hoe geletterder je bent en ook hoe functioneel vaardiger je op andere vlakken zal functioneren (onder andere functionele rekenvaardigheid). Dat is totaal tegengesteld aan wat jij met je bekrompen mening in mijn schoenen meent te wrijven namelijk dat: "Jij denkt blijkbaar dat taalvaardigheid overeen komt met de vaardigheid in het produceren van gigantische lappen tekst, getuige jouw reacties iedere keer. Maar dan verwar je toch kwaliteit met kwantiteit. Het gebruik van meer woorden maakt niet een bewering meer waar, zeker als veel van die woorden over zaken gaan die met de kern van de zaak weinig te maken hebben."
Functionele taalvaardigheid betekent juist dat je in staat bent je taalkennis en taalgebruik aan te passen en toe passen waarvoor het functioneel is. Maar ik had al van in het begin door dat je dat onderscheid niet kon maken. Bijgevolg kan je ook niet inzien dat functionele taalvaardigheid samenhangt met andere vaardigheden die gelinkt zijn aan geletterdheid. Wie weinig functioneel taalvaardig is en dus niet zo erg taalvaardig in functie van verschillende domeinen waar taal bij te pas komt, zal bijgevolg ook minder geletterd zijn. Wanneer je bijvoorbeeld niet hebt leren schrijven of onvoldoende schrijfvaardig bent op verscheidene domeinen, zal meer gehandicapt zijn en beperkt en minder geletterd zijn. Kinderen die opgroeien in een omgeving waar functionele taalvaardigheden minder aan bod komen en worden ingeoefend of gestimuleerd, zullen lager geletterd zijn en dat ook ondervinden in hun schoolse carrière als daar niet tijdig wordt geremedieerd en ingegrepen. Bovendien is het ook belangrijk dat kinderen leren ontdekken waar hun talenten zijn. Iemand die erg spreekvaardig is, kan dat talent later nog verder ontwikkelen en extra benutten( en dan kan je spreekvaardigheid variëren van "marktkramerstaal" om te overtuigen tot spitsvondige retoriek. Maar je kan gerust stellen dat hoe functioneel taalvaardiger je bent op verscheidene domeinen hoe meer mogelijkheden je hebt om je cognitie en vaardigheden verder te ontwikkelen. Ook logisch leren denken berust op functionele taalvaardigheid die zeer van pas komt in de wiskunde en de wetenschappen. Logische uitspraken zijn immers gebaseerd op taal. Scholieren hebben in het begin het erg moeilijk met het juist begrijpen van logische negatie of inzien dat indien p dan q waar is, daar uit volgt dat indien niet p dan niet q. Taal in functie van logisch denken is een specifieke functionele taalvaardigheid die samenhangt met wiskundig functioneel denken en zeer sterk verschilt van bijvoorbeeld poëzie en het hanteren van beeldspraak.

   

Je blijft maar steeds jezelf herhalen, met veel loze woorden. Maar je hebt blijkbaar nog steeds niet door wat "geletterd" betekent.
Dit is mijn laatste reactie.

   

Ik heb van jou geen enkele duidelijke definitie. Die heb je van mij wel gekregen. Maar blijkbaar versta je die niet. "Geletterdheid is de kennis en vaardigheid die nodig is om via geschreven taal te communiceren en informatie te verwerken, de vaardigheid om met numerieke en grafische gegevens om te gaan en de vaardigheid voor het gebruik van ICT."
Ongeletterde en laaggeletterde mensen ontbreken de essentiële leesvaardigheden en schrijfvaardigheden om functioneel taalvaardig te zijn op talloze domeinen die daarmee gerelateerd zijn.
Indien je taalvaardigheid enkel definieert als luister- en spreekvaardigheid, dan ga je zelfs voorbij aan de noodzakelijke vaardigheden om symbolisch en conceptueel denken verder te ontwikkelen bij kinderen .Lees eens een degelijke cursus of naslagwerken ontwikkelingspsychologie en ontdek het gat in je kennis dat je niet wil inzien. Het vermogen van mensen (waarschijnlijk aangeboren) om symbolisch en conceptueel taalvaardig te denken, heeft al de prehistorische mens in staat gesteld om via tekeningen, tekens, taferelen, kunstwerkjes, en vele andere culturele artefacten zich communicatief te uiten. Een voorwaarde die later, wanneer de noodzaak en behoefte daartoe ontstond, om de mens ook in staat te stellen ook te kunnen communiceren via tekens, schrift, enz.... Hoe je het keert of draait, om kennis door te geven maken mensen nu eenmaal niet alleen gebruik van gesproken taal maar ook van geschreven taal. En als ze niet kunnen spreken dan ontwikkelen ze spontaan een gebarentaal met een eigen syntaxis. En het wil niet zeggen omdat niet alle (automatische) denkprocessen via taal verlopen, dat taal bij mensen nog altijd het instrument bij uitstek is om te communiceren en cognitie te ontwikkelen en nieuwe dingen te leren via gerichte aandacht.
Biologisch is dat immers logisch: horen en zien hangen sterk samen. Het is zelfs zo dat onze perceptie multisensorisch is en niet louter afhangt van 1 zintuig, bijgevolg is taal niet louter een kwestie van horen. Het is zelfs zo dat meer dan 90% van de informatie van de buitenwereld die ons brein verwerkt, afkomstig is van onze ogen en oren. en dat deze informatie effectiever in ons geheugen wordt opgeslagen als geluiden en beelden samen in onze hersenen worden opgeslagen. Wanneer de informatie afzonderlijk wordt opgeslagen in ons geheugen is het verlies ervan in ons geheugen veel groter. Leerkrachten weten uit ervaring dat kennisoverdracht en informatieoverdracht via verschillende zintuigen aangebracht effectiever wordt opgeslagen en onthouden. Daarom is een talige leeromgeving niet alleen een gesproken leeromgeving en daarom hebben mensen al van in het prille begin gebruik gemaakt van al hun zintuigen om talig te communiceren en kennis door te geven. Daarom is het belangrijk dat kinderen functioneel taalvaardig zijn en taal via vele wegen en manieren leren gebruiken en ontwikkelen.
Kleuters leren 'lezen' via prentenboeken en taferelen in beeld, later door echt te lezen en een schrift te hanteren, maar ook via schema's, kaartjes, tabellen, grafieken, foto's, tekeningen, formules, rollenspel, lichaamstaal, enz.... Wanneer verstaan mensen elkaar het best? Wanneer ze elkaar ZIEN praten en niet enkel horen praten. Taal is multisensorisch communiceren en niet alleen een auditieve aangelegenheid. Kinderen leren concepten via zintuiglijke ervaringen en deze te koppelen aan woorden en begrippen om tenslotte deze concepten ook te leren hanteren als objecten in een taalcontext. Via taal kunnen we gevoelens, beelden, ervaringen en ideeën in onze hersenen oproepen zonder dat we hiervoor onze zintuigen rechtstreeks moeten gebruiken. Via taal slaagt de mens er in orde te scheppen in zijn (denk)wereld

   

Gebrek aan geletterdheid wordt vaak zichtbaar in de schrijftaal. Wanneer je aan sommige jongeren vraagt het meervoud te geven van de woorden man en maan, dan schrijven ze ofwel manen (terwijl ze mannen bedoelen, ofwel kennen ze geen meervoud voor het woord maan omdat ze veronderstellen dat er maar 1 maan bestaat. Zij associëren dan enkel het woord maan met "de maan" als het hemellichaam dat we 's nachts waarnemen. Ze kennen het begrip maan niet als een hemellichaam dat draait om een planeet. Ze horen dan voor de eerste keer dat de planeet Jupiter meer dan 1 maan heeft. Eenmaal ze dat doorhebben zullen ze ook begrijpen dat het meervoud van maan, gelijk is aan "manen".
Via hun schrijftaal stellen we vast dat ze een meervoud niet toepassen wegens een gebrek aan geletterdheid en basiskennis over objecten in de ruimte. Zijn deze jongeren nu dom? Helemaal niet. Ze associeerden immers aan het woord maan enkel het concept "de maan" als een uniek hemellichaam dat draait rond de aarde en niet als een hemellichaam dat draait rond een willekeurige planeet. Eenmaal ze dat doorhebben maken ze ook minder fouten in het meervoud en schrijven ze ook het meervoud van man niet meer als manen maar als mannen. Ze snappen nu de regel beter van wat we noemen een open lettergreep. Jongeren met een beperkte taalcode maken veelvuldiger zulke fouten omdat ze niet vertrouwd zijn met bepaalde concepten en hun betekenissen en definitie. Zulk gebrek aan geletterdheid leidt dan ook makkelijker tot schrijffouten. Jongeren die weinig lezen maken meer schrijffouten voor werkwoorden in de verleden tijd. Zuiver omdat ze in hun spreektaal meestal de voltooid tegenwoordige tijd gebruiken om een gebeurtenis in het verleden aan te geven in plaats van de onvoltooide verleden tijd. Ze missen gewoon de kennis en het gebruik van de onvoltooide verleden tijd die vaker wordt gebruikt in schrijftaal en in boekentaal. Als je dan een zin op het bord schrijft: "de verdachten verraadden elkaar niet", dan denken ze dat het fout is geschreven en herkennen ze daarin geen verleden tijd. Ze zijn immers gewoon te zeggen: de verdachten hebben elkaar niet verraden en zijn totaal niet vertrouwd met het gebruik van de onvoltooid verleden tijd.
Onbekende werkwoorden worden vaker verkeerd vervoegd. Onbekende naamwoorden worden vaker verkeerd geschreven. Lage geletterdheid en gebrek aan woordenschat en kennis wordt op die manier sneller zichtbaar via spellingfouten, verkeerde meervoudsvorming, verkeerde vervoegingen, het formuleren van gebrekkige zinnen. Lage geletterde jongeren hebben ook meer moeite om woorden te definiëren en juist te omschrijven of ze geven gewoon aan een woord een verkeerde betekenis. Zij begrijpen dan ook vele woorden niet ten volle of kennen aan onbekende nieuwe woorden in een tekst een verkeerde betekenis toe omdat ze het woord niet goed kunnen vatten en plaatsen in de context. Ze kennen ook weinig synoniemen en hebben meer moeite om gevoelens of andermans gedrag te beschrijven en te begrijpen. Leerkrachten die niet vertrouwd zijn te werken met jongeren met een beperktere taalcode, denken vaker onterecht dat ze dommer zijn, omdat hun 'taalhandicap' ervoor zorgt dat ze cognitief beperkter denken en ze minder in staat zijn uitdrukking te geven aan wat ze werkelijk bedoelen.

   

Beste Stefan,
Toen ik voor alle zekerheid het woord "geletterd" nog even opzocht, zag ik dat jouw definitie overeen kwam met die van wikipedia. Niet alle woordenboeken zijn het met die definitie eens, maar wikipedia is over het algemeen een betrouwbare bron. Ik neem dus mijn opmerking over "geletterd" terug.
Dat wil niet zeggen dat we het nu over alles eens zijn. Maar had je, zoals ik je vele malen heb gevraagd, ook referenties gegeven bij jouw beweringen, dan had je in ieder geval dit misverstand kunnen voorkomen.

   

Sorry Kweetal,

De definitie van geletterdheid komt niet van Wikipedia, maar is de definitie zoals die algemeen wordt gehanteerd door de Vlaamse overheid voor onderwijs en vorming en ook wordt geconcretiseerd in de eindtermen en leerplandoelen voor onder andere de algemene vorming op scholen. Zoals ik al zei, is Wikipedia niet bepaald mijn belangrijkste informatiebron.
zie onder andere ook: http://www.ond.vlaanderen.be/geletterdheid/
Een interessant artikel over leesvaardigheid en laaggeletterdheid verscheen ook onlangs op kennislink: http://www.kennislink.nl/publicaties/daarom-hebben-we-zoveel-moeite-met-die-studieteksten

   

Lezen is een kunst, voortkomend uit een genot waar ik vroeger als kind geen genoeg van kon krijgen, maar wat ik bij mijn eigen kinderen niet of nauwelijks terug zie. Dit verontrust mij en ik zoek dan ook naar een verklaring. Wij hadden ook tv vroeger, dus daar kan het niet aan liggen zou je misschien denken, maar ik zou eerlijk gezegd niets anders kunnen verzinnen of het moeten computerspelletjes zijn. Of leeft het lezen zelf (suske & wiske, Dik Trom, Pietje Bell, Pinkeltje, western-pockets by the dozen e.d.) onder kinderen gewoon een stuk minder? However, ik had er in mijn tijd i.i.g. niet veel aansporing voor nodig om te lezen en te blijven lezen, zij het dat ik er toch wel van afhaakte voordat het tijd werd voor èchte boeken. Literatuur met de grote l zeg maar.

Snel en (toch) begrijpend kunnen lezen is een genot om te kunnen en het mooie van geschreven woorden is dat zij zo veel minder vluchtig zijn dan gesproken woorden en dat de schrijver dezes er in de regel ook meer moeite voor heeft moeten doen om zijn gedachten te verzamelen dan tijdens een gesprek over koetjes en kalfjes bijvoorbeeld.

   

Lezen is vandaag bij vele kinderen en jongeren functioneel. In (over)grootmoeders tijd, was lezen ook niet overal de gewoonte. Arbeiderskinderen en boerenkinderen leerden lezen op school. Boeken lezen was toen niet in elk gezin de gewoonte. Later naarmate scholing verplicht werd, raakte lezen meer ingeburgerd in meerdere lagen van de bevolking. De krant werd toen voor geschoolde arbeidersgezinnen een belangrijk medium. Nog later raken boeken meer ingeburgerd in de gezinnen en nog later duiken overal stripverhalen op die vroeger als minderwaardig werden bekeken tegenover leesboeken. De mensen besteedden toen ook anders hun vrijetijd. Er werden ook meer brieven geschreven naar elkaar wanneer men ver van elkaar woonde. Maar ik herinner me nog dat ik als kind weinig boeken las, maar wel veel strips. Pas later ben ik meer boeken gaan lezen. voornamelijk jeugdboeken waren toen in zwang. Prijsuitdelingen op school waren vaak boeken. Nog later duiken jeugdtijdschriften op. Vroeger waren bibliotheken redelijk populair en werden vaak boeken geleend om te lezen. Vandaag bestaat een bibibliotheek uit meer dan alleen boeken.
Kinderen en jongeren van vandaag lezen voornamelijk artikels uit tijdschriften die ze leuk vinden of teksten op het internet. De interesse voor lezen hangt ook vaak af van de thuiscultuur. In gezinnen met een leescultuur en veel boeken, zullen kinderen makkelijker de gewoonte hebben van boeken te lezen. Interesse voor de krant hangt eveneens af van de thuiscultuur. Toch heb ik niet het gevoel dat er daarom minder wordt gelezen dan vroeger. Er wordt vooral anders gelezen sinds de verspreiding van het internet. Lezen is nu een erg functionele en eerder thuisculturele aangelegenheid. Sommige van de jongeren waar ik les aan geef, lezen nog geregeld een boek dat ze interessant vinden of spannend, andere totaal niet en lezen eerder artikels uit tijdschriften of teksten op internet. Stripverhalen zijn minder populair bij jongeren waar het lezen niet erg is ingeburgerd. Ik stel ook meer en meer vast dat sommige jongeren niet goed de inhoud kunnen vatten van stripverhalen (ondanks de plaatjes). Film blijft echter populair. Vele jongeren van vandaag zien veel films en lezen dan meestal de onderteksten. Idem voor filmpjes met clips waar de tekst al of niet wordt ondertiteld. Ik stel wel vast dat adolescente jongeren en ouder opnieuw neigen naar het lezen van meer kranten of artikels die ze interessant vinden. Boeken mogen liefst niet te dik zijn en moeten leuk, spannend of leerzaam zijn. Literatuur wordt voornamelijk gelezen in gezinnen waar thuis vele boeken op de plank staan en waar ouders nog tijd maken om voor te lezen aan de kinderen en de kunst verstaan om TV, videogames en ander internetplezier een plaats te geven naast spelen. Ik denk dat het bieden van structuur en gewoonten thuis een heel belangrijke rol speelt hoe kinderen leren omgaan met geschreven taal, teksten, boeken, enz..., naast wat ze aangeboden krijgen op school. Ik denk dat het vooral belangrijk is dat ouders rekening houden met de interesses en vaardigheden van hun kinderen. Geef doe-kinderen vooral boeken hoe ze dingen kunnen maken en construeren. Ik heb altijd als kind weinig romans gelezen. Dat sprak mij niet aan. Maar ik las wel veel in encyclopedieën en boeken over wetenschappelijke onderwerpen. Nu nog stel ik vast dat ik meer zulke dingen lees dan echte literatuur. Mijn kinderen daarentegen lezen weinig wetenschappelijke werken, maar lezen veel over literatuur, kunst en film. Ik zou stellen: moedig kinderen vooral aan te lezen wat hen aanspreekt en laat ze zelf rustig hun talenten ontdekken en ontwikkelen. Vandaag zijn er media zat. Vroeger in (over) grootmoeders tijd, toen er nog geen TV was, werd er meer geluisterd naar de radio. In sommige gezinnen vind je nog de gewoonte om niet alleen te luisteren naar muziek op de radio maar ook naar andere luisterprogramma's. Radio, televisie en internet zijn media met vele mogelijkheden. Goede televisieprogramma's en goede sites zijn best leerzaam en even taalontwikkelend. Bovendien zullen kinderen die hebben geleerd met vele media om te springen, nog altijd boeken waarderen en lezen. Het boek zal altijd blijven. Digitale boeken worden vaak nog altijd gedrukt of afgeprint. Het digitale boek zal volgens mij nooit het klassieke boek volledig bannen. De beste manier om kinderen en jongeren te stimuleren tot lezen is het plezierig, leerzaam en interessant houden. Nodig ze uit tot lezen.

   

http://www.pandoracharms.me.uk
http://www.michaelkors-outlethandbags.us.com
http://www.kobe9elite.us
http://www.poloralph-lauren.com.co
http://www.omega-watches.name
http://www.edhardyuk.me.uk
http://www.christian-louboutinoutlet.us
http://www.salomon-shoes.us.com
http://www.cheap-nfljerseyswholesale.us.com
http://www.michaelkors-handbagswholesale.in.net
http://www.jordan-shoes.us.org
http://www.cheapmlb-jerseys.us.com
http://www.hugobosssale.name
http://www.eccoshoesoutlet.us
http://www.michaelkors-handbagswholesale.us.com
http://www.new-balanceshoes.in.net
http://www.conversetrainer.org.uk
http://www.underarmouroutlet.cc
http://www.michael-korsoutletonline.us.org
http://www.michaelkorshandbagscheap.in.net
http://www.edhardyoutlet.name
http://www.longchamps.us
http://www.moncleroutletstore.us.org
http://www.instyler-max.in.net
http://www.airforce1.us.org
http://www.michael-korsoutletstore.us.org
http://www.suprashoes.eu.com
http://www.michaelkors-outletclearance.in.net
http://www.dolceandgabbana.in.net
http://www.cheapnbajerseys.us.com
http://www.chaussurelouboutinpas-cher.fr
http://www.outletmichaelkors.us.org
http://www.nikeblazerpascher.fr
http://www.abercrombieandfitchkids.us.com
http://www.michaelkorshandbags-outletonline.us.com
http://www.nikerosherunshoes.me.uk
http://www.oakleysunglasses.nom.co
http://www.airjordanuk.org.uk
http://www.rolexreplica-watches.com.co
http://www.adidasnmdr1.us.com
http://www.truereligionjeanssale.us.com
http://www.michael-korsoutlethandbags.us.com
http://www.michaelkors-handbagsoutlet.in.net
http://www.nikehuarache.org.uk
http://www.ralphlaurenoutlet.com.co
http://www.jordanshoes.eu.com
http://www.cheap-michaelkorshandbags.us.org
http://www.cheapmichael-korshandbags.us.com
http://www.michaelkorsoutlethandbags.us.org
http://www.handbagsmichaelkors.in.net
http://www.raybans-sunglasses.us.org
http://www.rayban-sunglassescheap.us.com
http://www.cheapnhl-jerseys.us.com
http://www.versace-shoes.in.net
http://www.yeezyboost-350.us.org
http://www.oakleysunglassescheap.us.org
http://www.nikeblazerlow.fr
http://www.michaelkorsuk.org.uk
http://www.cheapmichaelkorshandbags.us.org
http://www.lebron-jamesshoes.net
http://www.michaelkorsoutletstore.us.org
http://www.michaelkorsoutlethandbags.in.net
http://www.ralphlauren-pas-cher.fr
http://www.montblancpensoutlet.name
http://www.nikeairhuarache.com.co
http://www.handbagsmichaelkors.us.org
http://www.michaelkorshandbagswholesale.in.net
http://www.reebokoutlets.in.net
http://www.nikeair-huarache.me.uk
http://www.the-northface.co.uk
http://www.michaelkorshandbagswholesale.us.org
http://www.michaelkorshandbagssale.us.com
http://www.fitflopssaleclearance.org
http://www.nikestoreuk.com.co
http://www.tiffanyandco-outlet.us
http://www.nmdadidas.us.org
http://www.niketrainersuk.com.co
http://www.michaelkorshandbagswholesale.us.com
http://www.cheap-nikeshoes.org
http://www.oakley.de.com
http://www.pandora-jewelryoutlet.name
http://www.basketballshoes.us.org
http://www.armaniexchangeoutlet.us
http://www.saclongchampfr.fr
http://www.jimmy-choo.in.net
http://www.fitflopssale-clearance.us.com
http://www.skechers-outlet.us
http://www.michaelkorshandbags.uk
http://www.handbagsmichaelkors.us.com
http://www.nikefree5.us.com
http://www.nike-tnpascher.fr
http://www.birken-stocksandals.com
http://www.gucciborse2016.it
http://www.louisvuitton-sacpascher.fr
http://www.michaelkorshandbagssale.in.net
http://www.nikeoutletstore.us.org
http://www.tomsshoes.eu.com
http://www.ferragamo-shoes.cc
http://www.asics-runningshoes.in.net
http://www.redvalentino.in.net
http://www.ghd-flatiron.com
http://www.nike-trainers.com.co
http://www.airmax90.eu.com

Alleen geregistreerde gebuikers mogen comments plaatsen

Aanmelden of Registreer plaats een reactie