Oneigentijdse meditatie over het fenomeen ‘K3’

In de blog: De Neo-Cynicus reacties: 6 pdf print

Van katholieke drievuldigheid naar een protestants arbeidsethos ter verantwoording van moderne aflatenhandel?

0. Het fenomeen ‘K3’

“Van Afrika tot in Amerika. Van op de Himalaya tot in de woestijn!” Wie kent deze meezinger van K3 niet? Elke nederlandstalige, van jong tot oud, bij dames en heren, heeft ergens ooit wel eens een liedje te horen gekregen van deze Vlaamse meidengroep en kan vaak - alsof het van zichzelf gaat - enkele zinnen, refreinen, liedereren meekelen.

Natuurlijk ben je ook op de hoogte van het recente reilen en zeilen van deze ‘Spice Girls’ der Nederlanden. Het was er immers bijna mee gedaan. Maar noch een verouderingsproces van deze artistieke vrouwen, noch hun eventuele kinderwens of bewuste keuze tot een alternatieve carriere mocht in de weg staan van het imagomanagement van een financieël interessant product. Het merk moest blijven voortbestaan. Het werk moest doorgaan.

Bijgevolg werd een grootschalige, gemediatiseerde talentenjacht georganiseerd: ‘K3 zoekt K3’. Met succes. Er zijn namelijk vervangers gevonden. Super! Er zullen geen tickets moeten worden terugbetaald, want de bestelde shows kunnen dus zeker doorgaan. En mogelijk met dezelfde kwaliteit (of zelfs beter?). De kijkcijfers ten aanzien van de op VTM uitgezonden afleveringen van het TV-programma en het rumoer op sociale media aangaande de individuele smaakpreferentie van tal van kijkers, beloven alvast veel goeds.

Enerzijds zou men natuurlijk de verliezers van de wedstrijd moeten bedanken voor hun deelname, terwijl men de winnende dames moet feliciteren met hun groepswinst. Bedankt en gefeliciteerd. Anderzijds kan men ook enkele bedenkingen formuleren aangaande de organisatie van deze wedstrijd omwille van de erfenis van K3 en de rol van de jury die hiertoe, dag in dag uit, blijkbaar zowel op, voor en naast het podium zou hebben gestaan. Er tonen zich immers verschillende evidenties die misschien toonaangevend zijn inzake onze huidige beleving van zoiets als ‘erfenis’.

Vooraleer we onze aandacht richten op deze erfenis van K3, moeten we wat aandacht schenken aan het ontstaan en de eigenheid van K3. Sta me toe dit te interpreteren in termen van het worst case scenario.

1. Het ontstaan en de eigenheid van ‘K3’

Zou men van kwade wil zijn, dan kan men de ontstaanssituatie van K3 beschrijven als volgt: Gert Verhulst maakte jaren geleden - vanuit een marktpositie mogelijk gemaakt door de openbare omroep - een overeenkomst met Niels Willam ter uithuwelijking van drie jonge meisjes aan zijn bedrijf Studio 100. Net zoals vrome meisjes uit een niet zo ver verleden omwille van hun zondigheid het klooster intraden en er hun zedelijkheid in het teken van God stelden alsof ze trouwden met Christus, net zo werden deze drie meisjes sinds de overeenkomst strak geregisseerd doorheen een imagomanagement van commercieel verantwoorde zedelijkheid.

Nadat de deal tussen Gert en Niels was beklonken ontstond een grootschalige exploitatie van zijn net verworven act van kindvriendelijke striptease: tegelijkertijd werden niet alleen horden kinderen opgevoed aan de hand van dure totaalspektakels, maar bovendien werden tal van winkels verwend met een oneindige stroom aan telkens adverteerbare merchanising. Toekomstige klanten en distributeurs verzekerd!

Natuurlijk kloppen er verschillende dingen niet in dit hoogst beladen scenario. Maar één element komt toch bovendrijven vanuit de motivatie van de K3-dames zelf. Uit dit verhaal zou men immers het contrast kunnen opmerken tussen, enerzijds, de eigenzinnige inbreng van de dames zelf, en, anderzijds, de verwachte ‘output’ binnen het bedrijf van Gert Verhulst. In het begin was het voor de dames zelf namelijk motiverend dat K3 kinderliedjes bracht, maar dan aan de hand van een subtiele, volwassen erotische ondertoon die ook de ouders zou aanspreken (maar dan voornamelijk de vaders). Dit zorgde voor een verfijnde gelaagdheid binnen hun repertoire, waardoor plotsklaps de vaders meer tijd met hun kinderen zouden doorbrengen door zich in hun vrije tijd ‘op te offeren’ om naar zoiets als een een kindershow te gaan kijken. In één beweging kregen de vrouwen ook wat meer tijd om met zichzelf bezig te zijn, los van het gezinsleven, wanneer manslief op stap was met het kroost.

K3 zorgde met andere woorden in zekere zin voor een vruchtbare herschikking en verfrissende appreciatie van het gezinsleven binnen een alsmaar drukker wordend werkleven. Tijdens een K3-optreden kregen moeders de kans om even geen ‘moeder’ te moeten zijn (als ze niet meegingen, konden ze op stap met de vriendinnen, net zoals ook K3 bestaat uit drie vriendinnen; of als ze meegingen naar het optreden, dan mochten ze nog eens goed ‘zot’ doen). Tijdens een K3-optreden kregen vaders de kans om even een ‘vader’ te mogen zijn, ze kregen immers een goede reden om niet te moeten werken, met name, nood aan tijd met de kids (en bovendien konden ze op stap gaan met andere mannen naar een - politiek correcte - peepshow). Dit leverde het kind ouders op die minder belast waren door de diverse beproevingen van het ouderschap. Zodoende werd de huiselijke vrede beter bewaard. Iedereen tevreden. Een bewonderenswaardige motivatie.

Doorheen de commercialisering van K3, culminerend op het moment dat er een nieuwe bezetting van K3 werd gevonden/gemaakt, vond er echter een verschuiving plaats.

Bij de start speelde K3 nog met subtiele volwassen verwijzingen die kinderoren niet (behoren te) horen. Een soort publiek bewaakt geheim betekenisregister dat zich ooit van nature zou meedelen doorheen het vorderen van de leeftijd. Met de schaalvergroting van K3 en de doorstart van ‘K3 zoekt K3’ toonde dat symbolische spel aan de hand van verschillende registers zich plotsklaps ook in het zogezegd machtsvrije publieke gesprek van ‘K3 over K3’. Maar ditmaal gebeurde dit niet onder de vorm van een relatief spontane speelsheid die volwassenen en kinderen delen en verdelen, maar onder de vorm van een, voor zowel volwassenen als kinderen, bijna absolute plicht tot een pathos van seriosité, voorzien van de nodige onverschillige apathie en geëmotioneerde sympathie ten aanzien van de prestaties van de deelnemers en de oordelen van de jury.

De rol van de gelaagdheid zelf kwam niet ter sprake, maar deed wel haar werk in de gesprekken. Als er in dit machtsvrije publieke gesprek van ‘K3 over K3’ al sprake was van de originele en motiverende rol van gelaagdheid bij K3, dan wel in de mate dat er kritische mopjes verschenen aan het adres van Gert of aangaande de interne strubbelingen binnen de vorige bezetting en binnen het productieteam van schrijvers en muzikanten.

Tot zover mijn aandacht voor het ontstaan en de eigenheid van K3. Ik richt me, na deze kwaadwillige interpretatie van de arbeidsloopbaan en originaliteit van K3, nu op elementen aangaande de erfenis van K3.

2. De erfenis van ‘K3’

Vooreerst mik ik op de wijze waarop de erfgenamen van K3 deze erfenis beleven. De winnende deelnemers zelf spreken van een droom die werkelijkheid wordt, terwijl buitenom het publieke machtsvrije gesprek stemmen opgaan die waarschuwen voor een mogelijke nachtmerrie. De dames zouden niet weten waaraan ze beginnen. Nu begint het pas. Gert plande immers vanaf eind november 2015 tot april 2016 een theatertournee in met maar liefst 78 shows. Vanaf nu starten drie loodzware weken van imagodiscipline, choreografie en zanglessen, exemplarisch voor ‘hun’ verdere carriere. Het motto lijkt dus: hard werk omwille van het voortbestaan van het merk.

Hard werk omwille van het merk van Gert. Maar ook: hard werk omwille van de consumptie van het product. Want diegenen die zich identificeren als erfgenaam zijn niet louter de producenten van het merk. Ook de consumenten zouden zich als erfgenaam moeten beschouwen, aldus de producenten. Ook zij krijgen daarom hun zegje, aangezien zij nu al die shows ook moeten gaan betalen en daadwerkelijk moeten gaan bezoeken. Dan toch liefst wanneer er dames op het podium staan die in de smaak vallen én die vriendelijk zijn voor je kinderen: waar voor je geld. Zo kan je zonder gewetensproblemen je kinderen belonen met K3-producten (of bestraffen door hen niet naar een concert te laten gaan waar eigenlijk al tickets voor betaald waren).

Vandaar dan ook de smaakenquête op VTM waarin de erfgenamen van K3 bijgevolg niet alleen de producenten, maar ook de consumenten zouden zijn. Dat was dan ook de teneur van de zogenaamde ‘verkiezingsrondes’ en de verwoording van de rol van de stem van het publiek tijdens het TV-programma. Niet alleen de dames zelf zijn het toonbeeld van regie, ook het publiek kreeg bijgevolg een strak omlijnde rol van de regisseur. En dit alles omwille van de afstemming en opwekking van de vraag bij de consument ten aanzien van de overeenstemming en innovatie van het aanbod van de producent binnen een soort moderne handel in ‘aflaten’ aangaande ouderschap.

3. De vanzelfsprekendheid van ‘K3’

Tot zover mijn analyse van de beleving van de erfenis van K3 en diens stimulatieregie. Natuurlijk komen deze analyses best cynisch over. Men kan ze echter ook als een onderdeel zien van een symbolisch spel. Zulke bedenkingen blokkeren immers niet noodzakelijk de evenzeer vanzelfsprekende waarachtigheid van hoe we met z’n allen toch blij zijn voor de geselecteerde meisjes en de niet-geselecteerde meisjes een hart onder de riem willen steken, noch hoe we samen met kinderen als kinderen kunnen genieten van samenzang. Dat hierbij echter heel wat niet-evidente veronderstellingen vanzelfsprekend blijven is een andere zaak. Hierbij staat immers weldegelijk iets op het spel.

Men zou met oog op dit vanzelfsprekend zangfenomeen zo bijvoorbeeld kunnen kijken naar hoe de erfenis van K3 iets te zeggen heeft over de wijze waarop K3 iets zegt over onze erfenis. K3 ontstond immers in België. Een voormalig sterk katholiek-liberaal, geïnspireerd land, voormalig voornamelijk gerepresenteerd door een koningsfamilie en een openbare omroep, waarbij een zekere mate van gevoeligheid voor het spelen met betekenisregisters verworteld was in een natuurlijke gang van zaken, van de wieg tot het graf. Met de opkomst van een protestantse arbeidsethiek en de groeiende dominantie van een neoliberale marktwerking in de leefwereld, wordt die gevoeligheid echter ontworteld en gedesincarneerd.

Die ontworteling toont zich in het geval van K3 in de wijze waarop de spontaan gegroeide bijnaam ‘K3’ (inzake de drie voornamen die beginnen met de letter ‘K’) niet langer als een significante materiële band wordt beleefd aangaande de zinvolheid van het project en de waardigheid van diens vervangers. Terwijl dit eigenlijk helemaal niet evident is. Natuurlijk kan men opmerken dat het niet alleen onmogelijk is om die materiële band tussen de bandnaam en de naam van de bandleden te wijzigen, aangezien het om een spontane bijnaam ging – bij wijze van grap van het publiek (het trio heette officieël 'Mascara') – maar ook zou door een naamswijziging (in bijvoorbeeld KHM omwille van de vervangers Klaartje, Hanne en Marthe) de contingentie van de spontaan gegroeide bijnaam diens momenteel evidente zinvolheid bedreigen (en bovenal: de herkenbaarheid van het merk doen zakken).

Er werd misschien daarom vanuit het management niet gekozen om de merknaam te wijzigen in aanpassing van diens opvolgers, maar om de vervangers te wijzigen ter aanpassing aan de merknaam. Zodoende wordt het hele project ook gedesincarneerd: de reproductie van de merknaam heeft diens wortel in de publieke appreciatie van het ‘schoon vlees’ afgesneden. K3 verwordt zo tot een mise-en-scene van de economische regulering van een bepaald imago dat onder druk van diens zogenaamde erfgenamen gewaardeerd wordt doorheen spectaculaire (en toch stiekeme) smaakenquêtes bij huidige (ouders) en toekomstige (kinderen) consumenten.

In de plaats van de spontane speelsheid en de ‘stoute’ ondertoon - in principe eigen aan bepaalde vormen van een liberaal geïnstitutionaliseerde cultuur van katholieke drievuldigheid, ‘K3’, what’s in a name - komt zo een (lichaams)taalexpressieve werkmentaliteit van calvinistische aanvaardbaarheid ten aanzien van het noodzakelijke lijden omwille van God’s goede werken en diens ultieme oordeel. Men zou met wat kwade wil diezelfde verschuiving aan het werk kunnen zien in de publiciteit rondom het niet aflatend 'aflaten' verhandelend bedrijf van een, tot marktmanager vervallen, openbare omroeper en diens geregisseerde beleving van een goed merk.

Met vriendelijke groet,

De Neo-Cynicus

aka

Andreas Lauwers


Reacties (6)

   

Ondertussen een mooie tip: http://wievank3zoujijdoen.be/

   

K3 of Kants drie kritieken. De kritiek van de zuivere rede, de kritiek van de praktische rede, en de kritiek van het oordeelsvermogen.

“Er kan geen twijfel over bestaan dat al onze kennis van Karen, Kristel en Kathleen begint met ervaring. Want hoe zou het kenvermogen tot activiteit kunnen worden gewekt, als dat niet gebeurde doordat hun stemmen verklankt naar onze zintuigen en hun lichamen op ons netvlies ons beroeren en zo voor een deel vanzelf voorstellingen teweegbrengen, voor een deel de werkzaamheden van ons verstand aanzetten die voorstellingen te vergelijken, te verbinden of te scheiden, om zo het ruwe materiaal van zintuiglijke indrukken te verwerken tot de kennis van objecten die ervaring heet?”
— Immanuel Kant, "Kritiek van de Zuivere Rede", B1,10, 1787

   

Hey Ursula,

:-) Ik doe mee, maar dan in postmoderne zin:

"Tenslotte moet het duidelijk zijn dat het niet aan ons is werkelijkheid te verschaffen,
maar toespelingen op het denkbare dat niet gepresenteerd kan worden,
te bedenken. En van die taak kan niet de minste verzoening verwacht
worden tussen de 'taalspelen' waarvan Kant, onder de naam van K3-vermogens,
wist dat een kloof deze scheidt en dat alleen de transcendentale illusie (die
van Gert Hegel) de hoop kan koesteren deze in een werkelijke eenheid te totaliseren.
En hij wist ook dat voor deze illusie de prijs van de imagoterreur betaald
moet worden."

- Jean-François Lyotard, "Het postmoderne uitgelegd aan onze kinderen", pag. 119, 1987.

Bedankt voor je bijdrage,

Met vriendelijke groet,

De Neo-Cynicus
aka
Andreas Lauwers

   

Gert Hegel! Mooie combinatie.
Je zette me met de pagina aanduiding wel op het verkeerde been want je tekst staat op blz 24.
Geen probleem. Laat ik, zonder reden, jouw getal 119 verminderen met 24 en dus op blz 95 uitkomend daar het volgende lezen. De titel van de tekst waaruit ik nu citeer luidt: Zingen voor een nieuw decor.
“Muzikale ontdekkingen zijn nooit onderworpen geweest aan een uit de menselijke behoeften voortkomende eis. Zij zijn altijd in beweging gezet door een dynamiek die onafhankelijk is van wat de mensen als wenselijk, nuttig of aangenaam kunnen beschouwen. Het verlangen naar zangkennis is immers incommensurabel met de eis van winst die men uit hun toename hoopt te behalen.”

Wie had gedacht dat Lyotard dat dertig jaar geleden al wist over K3!

   

Ondertussen:

Gert Verhulst: "Het is een belangrijke dag vandaag voor alle K3-fans in het land. Er is heel veel volk afgekomen op de vuurdoop van de nieuwe K3. De eerste show vanochtend was fantastisch. Het publiek heeft de nieuwe K3 meteen in de armen gesloten". Verwonderlijk vindt de baas van Studio 100 het succes van Marthe, Klaasje en Hanne niet. "Dat was te verwachten, want het publiek heeft de nieuwe K3 zelf gekozen", aldus Verhulst.

Zie: http://deredactie.be/cm/vrtnieuws/cultuur%2Ben%2Bmedia/muziek/1.2509001

   

I needed to send you the tiny remark so as to say thank you over again over the amazing things you’ve shared at this time.
http://colorswitchaz.com ,
http://mortalkombatxonline.com ,
http://robloxaz.com ,
http://a10games.xyz

Alleen geregistreerde gebuikers mogen comments plaatsen

Aanmelden of Registreer plaats een reactie