Thick and Thin: Moral Argument at Home and Abroad

review door: Wouter Dierckx. reacties: 0 pdf print

Thick and Thin: Moral Argument at Home and Abroad is een interessant werk omdat het de twee grootste werken van Michael Walzer aan elkaar lijmt. Ik heb het dan over Just and Unjust Wars, Walzers werk over oorlog en geweld, en Spheres of Justice, waar besproken wordt hoe binnen een samenleving rechtvaardigheid kan bestaan. Beide teksten roepen op tot daadkracht (in Just Wars kant Walzer zich expliciet tegen pacifisme zonder meer), maar tonen tegelijkertijd zoveel nuance dat het niet zomaar duidelijk is wanneer die daadkracht kan getoond worden. Thick and Thin laat zien waar Walzer zijn lijnen trekt. Met deze bespreking wil ik dat tonen, en in volle vlucht zal ik enkele belangrijke standpunten van Walzer aanhalen zoals die voorkomen in zijn artikels en boeken.

De hoofdwerken

Walzers eerste grote werk is Just and Unjust Wars, waarin hij benadrukt dat oorlog ethisch gevoerd moet worden om ethische redenen, dat daarbij in het bijzonder internationale interventie mogelijk is maar door morele afwegingen toch sterk ingeperkt wordt. Walzer schreef dit boek als reactie op 1 interventie (de Vietnam-oorlog, waar hij tegen was) met in het achterhoofd een andere interventie (de VS-hulp bij WO II, waar hij voor was). Het boek staat vol met historische verwijzingen en is sterk genuanceerd, waardoor het moeilijk is uit te vinden welke kant Walzer zal kiezen in een willekeurig conflict. In zijn tweede grote werk, Spheres of Justice, stelt Walzer de theorie van Complex Equality voor. Het is zijn antwoord op de kwestie van rechtvaardige verdeling. Volgens Walzer vallen er verschillende soorten goederen te verdelen (zoals kapitaal, politieke macht, of opleiding), en zijn de goederen rechtmatig verdeeld wanneer er niemand een overmacht van goederen heeft waarmee andere mensen kunnen geknecht worden. Een cruciaal punt is dat een maatschappij zelf bepaald hoe de macht van goederen verdeeld is:

the means of domination are differently constituted in different societies. Walzer is er heel expliciet in dat hij zich particularistisch opstelt voor dit punt: een begrip van een rechtmatige verdeling kan enkel worden begrepen vanuit de cultuur zelf - ze valt niet universeel te maken, wat door anderen in het debat typisch betracht wordt door te verwijzen naar universele mensenrechten.

Het schisma tussen de twee werken

Het is interessant dat Walzer in Spheres of Justice zelf vermeldt dat er een kloof bestaat tussen het universele van Just Wars en het particuliere in Spheres of Justice (SOJ, p.17):

For the theory of justice in war can indeed be generated from the two most basic and widely recognized rights of human beings - and in their simplest (negative) form: not to be robbed of life or of liberty. (...) But they are only of limited help in thinking about distributive justice.

Het universele uit zich bij Walzer dus tweemaal in negatieve zin: iemands leven mag niet genomen worden (dat is op z’n minst de norm); iemands vrijheid mag niet genomen worden. Over zoiets als eigendom kun je dit echter niet meer zo universeel zeggen - denk bijvoorbeeld maar aan belastingen. Vandaar dat een rechtvaardige verdeling van goederen anders moet opgelost worden. Een ander boek dus: Spheres of Justice.

Dat het schisma belangrijk is voor Walzer blijkt uit de rode draad die het in zijn werk vindt, en op belangrijke plaatsen. Zoals in het artikel Governing the Globe (2000), waarin Walzer zijn overwegingen voor een ideale wereldregering uiteenzet, en waarvoor hij 7 mogelijke regeringsvormen bespreekt (Arguing about War, p. 171):

I do want to list the criteria againstwhich the seven arrangements have to be evaluated: these are their capacity to promote peace, distributive justice, cultural pluralism, and individual freedom. Vrede komt overeen met de bescherming van mensenlevens. Individuele vrijheid met het waarborgen van vrijheid. Rechtvaardige verdelingen, en cultureel pluralisme gaan hand in hand als de tweede pijler van Walzers denken.

Verdichte en uitgedunde moraliteit

De titel Thick and Thin laat zich niet letterlijk vertalen, ik ben zelf geneigd om te spreken van verdichte en uitgedunde moraliteit. Het zijn deze twee concepten die Walzer uitlegt in deze tekst, en het zijn deze concepten die de twee kanten van Walzers werk aan elkaar hechten als twee zijden van een gezicht.

Verdichte moraliteit is een moraliteit die sterk cultureel bepaald is: de uitwerking van een sociale zekerheid bijvoorbeeld is iets dat elke staat, elke samenleving anders kan organiseren, gegeven de gedeelde geschiedenis, gedeelde opvattingen en manier van leven. Maar er is ook een uitgedunde moraliteit die veel, zo niet alle mensen aanspreekt: als mensen in Oost-Europa of recent nog het Midden-Oosten in opstand komen tegen tyrannie met slogans van vrijheid, rechtvaardigheid enz., dan kan dit over heel de wereld op sympathie rekenen. Die sympathie kan veranderen van zodra er meer bekend wordt over het toekomstig beleid van de revolutionairen, dat niet meer zo universeel zal klinken, zelfs voor ons buitenaards vreemd kan zijn. Het is die overgang, dat verschil, dat Walzer als fundamenteel zie tussen een verdichte moraliteit die particularistisch is, en een uitgedunde moraliteit die universalistisch is. Dat laatste woord is essentieel: uitgedunde moraliteit is voor Walzer niet het startpunt, niet de basisstof van universele mensheid waarop de particuliere invullingen van culturen wordt uitgewerkt. Het startpunt voor Walzer is de verdichte moraliteit, en uitgedunde moraliteit is uitgedund als gevolg van een confrontatie tussen culturen, en is enkel maar universeel uitgedund waar het kan,en omdat het kan (Th&Th,p.3):

Morality is thick from the beginning, culturally integrated, fully resonant, and it reveals itself thinly only on special occasions, when moral language is turned to specific purposes.

De uitgedunde moraliteit is belangrijk voor Walzer, maar vooral in negatieve zin, als een set basisrechten die niet mogen geschonden worden maar overal anders worden ingevuld. Om die reden is het niet mogelijk om universeel kritiek te geven: je kunt tegen tyrannie zijn, en je herkennen in andere of zelfs alle mensen wat dat betreft, maar wie daarna een alternatief wil voorstellen voor een tyrannie zal hiervoor een particulier, verdicht, cultureel bepaald antwoord geven, dat niet meer zomaar als gemeenschappelijk kan worden beschouwd. Vandaar dat enkel in bijzondere situaties, zoals oorlog of systematische slavernij, een universalistisch discours een zin heeft.

Positionering in het debat

Dat Thick and Thin bedoeld als brug voor andere werken van Walzer, wordt helaas ook duidelijk omdat veel redeneringen niet volledig zijn uitgewerkt. Zo laat hij merken gekant te zijn tegen de politieke theorie van het communicatieve handelen (Habermas) - de uitleg waarom moet men elders vinden. Zijn duidelijk pleidooi voor politiek particularisme plaatst hem automatisch tegenover Rawls en aan de kant van de communitaristen. Op verschillende plaatsen in de tekst komen er zo’n momenten terug, op kleine en grote punten. Veel van de overwegingen vragen om meer uitwerking - wat doe je met zelfmoord, die in bepaalde culturen sociaal aanvaard kan zijn? Dat is immers een schending van het universalistische recht op leven? Walzer beseft dat hij hier een zwakte heeft, maar besteedt weinig aandacht aan een goede verdediging. Wie Thick and Thin wil lezen om eindelijk te weten wat de argumenten zijn die Walzer ophangt om zijn (twee?) standpunt(en) te verdedigen, komt bedrogen uit. Walzer geeft vooral veel context, laat veel verbanden zien en verwijst ook naar interessante bronnen die zijn ideeen ondersteunen of net onderuithalen. Wie een start wil maken met het werk van Walzer kan dus hier goed beginnen. Het laatste antwoord zal men echter elders moeten zoeken.

Michael Walzer, Thick and Thin: Moral Argument at Home and Abroad. University of Notre Dame Press, Indiana (1994). ISBN 0-268-01897-9.



Reacties (0)

Alleen geregistreerde gebuikers mogen comments plaatsen

Aanmelden of Registreer plaats een reactie