Religie voor Atheïsten (Alain de Botton)

review door: Dennis Vanden Auweele. reacties: 4 pdf print

Alain de Botton is een in London wonende Zwitser met een zeer indrukwekkende CV voor zijn 42 jaar. Hoewel in King’s College Londen opgeheveld tot Master in de wijsbegeerte, slaagde hij er niet in zijn doctoraat aan Harvard in het begin van de jaren 90 tot een goed einde te brengen. De lokroep om eerder ‘populaire’ werken te schrijven weerhield hem van zijn academisch onderzoek in Franse fenomenologie. Heden is hij gelauwerd auteur van zo’n tiental boeken en benadrukt hij graag in interviews dat hij louter leeft van zijn boek- en filmverkoop, en niet het substantieel familiefortuin dat zijn vader heeft vergaard in de financiële sector. Op z’n minst een provocerend figuur, de Botton poogt reeds jaren filosofie toegankelijk te maken voor het bredere publiek en slaagt hierin met wisselend succes. Vooral zijn televisieserie ‘Philosophy: A Guide to Happiness’ heeft hem bij het bredere publiek doen doorbreken.

Religie voor Atheïsten is de vertaling van een boek dat, in zijn originele versie, nog moet verschijnen bij Hamish Hamilton, London (verwacht in 2012). Daar de Botton’s werk wereldwijd erg populair is, blijven vertalingen meestal niet snel uit. De Nederlandse vertaling is, evenwel, waanzinnig snel verspreid door uitgeverij Atlas. Ik vermoed dat de vertaler (Jelle Noorman) tot enige haast is aangezet daar, af en toe, de vertaling een wat warrige presentatie geeft van de originele tekst en iets te trouw blijft aan de grammaticale structuur van de Engelse taal, die niet noodzakelijk strookt met Nederlandstalige grammatica. Het vertaalprobleem toont zich reeds op de omslag. De originele titel ‘Religion for Atheists. A non-believer’s guide tot the uses of religion’ wordt vertaald naar ‘Religie voor Atheïsten. Een Heidense Gebruikersgids’. Het woord ‘non-believer’ heeft een minder sterke normatieve lading als de term ‘heidens’. De Botton bezigt de term ‘atheist’ doorheen het boek en niet ‘non-believer’. Daar de originele Engelse uitgave nog niet verschenen is, kan ik niet nagaan in hoeverre de vertaler ‘creatief’ heeft omgesprongen met andere termen doorheen het werk.

Alain de Botton argumenteert doorheen het boek dat het hedendaags seculiere perspectief op de wereld geen recht doet aan bepaalde typisch menselijke tekortkomingen die op een meer adequate manier werden opgevangen door religie. Hij gebruikt de term ‘atheïstische’ en ‘seculier’ door elkaar welke niet noodzakelijk dezelfde connotatie hebben (weer, dit kan aan de vertaling liggen). Reeds op de eerste pagina meent de Botton dat de waarachtigheid van religieuze dogma’s heden ten dage geen kwestie meer is: “De meest afgezaagde en onproductieve vraag die je over welke religie dan ook kunt stellen is of ze waar is – dat wil zeggen: of ze werkelijk onder trompetgeschal uit den hoge is aangereikt en op bovennatuurlijke wijze wordt bestierd door profeten en goddelijke wezens. Laten we, om tijd te besparen en op het gevaar af al zo pijnlijk vroeg in dit project lezers te verliezen, boudweg stellen dat natuurlijk geen enkele religie een van God gegeven waarheid bezit” (11). De Botton windt er geen doekjes om dat hij een atheïst is die a priori iedere religieuze ‘waarheid’ als nonsens van de hand wijst. Hier blijkt wel al meteen een bepaald gebrek van de Botton dat de theologisch/filosofisch geschoolde lezer zal frusteren doorheen het boek: hij heeft, namelijk, bijzonder weinig gevoeligheid voor de, soms monumentale, verschillen tussen religies. Hij toont zich welbekend met religieuze fenomenen in het Jodendom, Christendom en Boeddhisme, maar haalt vele van deze gebruiken onbescheiden uit hun theologische, culturele en historisch context. Toch moet men ook hier proberen het principe van ‘charitable reading’ toe te passen: de Botton probeert de voordelen van religie in onze seculiere maatschappij aan te duiden en dan heeft het weinig zin om oneindig in theologische/filosofische rond te waren.

In totaal haalt de Botton negen thema’s aan (gemeenschap, goedheid, onderwijs, zorgzaamheid, pessimisme, perspectief, kunst, architectuur en instituten) waar, aldus de Botton, de seculiere maatschappij in de leer zou moeten gaan bij religieuze praktijken. Het boek kan gelezen worden als een aanklacht tegen het Verlichtingsoptimisme en de hybris van de pragmatische rede van de 19de en 20ste eeuw. Deze haalt een beeld aan van de maakbaarheid van de wereld en de zelfvervolmaking van de mens zonder moreel gepreek. Dit is een erg optimistisch wereldbeeld dat in schril contrast staat met heel wat (maar zeker niet alle) religieuze tradities. Twee thema’s komen, in dit perspectief, regelmatig terug: een pessimistische interpretatie van de menselijke natuur en de vergetelijkheid van het menselijk geheugen. Beide tekortkomingen worden in de religie opgevangen door een proces van oefenen en herhalen. Op deze wijze toont de Botton zich schatplichtig aan een project dat reeds enige tijd door Peter Sloterdijk naar voren wordt gedragen, meest uitgesproken in ‘Je moet je leven veranderen’ (Boom 2011). Sloterdijk is, evenwel, veel genuanceerder en filosofisch geïnformeerd in deze materie dan de Botton. Toch, als een ‘vulgaire’ inleiding in de voordelen van religie voor onze seculiere maatschappij kan dit boek wel tellen. Het boek bevat ook erg veel, soms erg indrukwekkende, illustraties die het lezen een erg aangename meerwaarde geeft.

De inzichten die in dit boek verwoord worden zijn niet nieuw en zeker niet filosofisch diepgaand. Men vindt hier niets terug dat men niet eerder (en beter beargumenteerd) zou vinden in het werk van Marcel Gauchet, Charles Taylor of Peter Sloterdijk (en nog vele anderen). Toch meen ik dat dit boek een belangrijke functie vervult. Heden ten dage loopt er binnen academische kringen en daarbuiten een bits debat tussen theïsten en atheïsten met protagonisten zoals, aan de ene kant, Rowan Williams en Arthur Peacocke en, aan de andere kant, Richard Dawkins en Daniel Dennett. Deze laatste (ook wel ultra-darwinisten genoemd) opperen dat de maatschappij veel beter af zou zijn moest iedere vorm van religie afgezworen zou worden. De Botton toont aan, als overtuigd atheïst, dat de volledige verbanning van de religie katastrofale gevolgen kan hebben. Een goed boek voor ‘gewone’ mensen geïntereseerd in filosofie en religie, een leeg boek voor de meer geschoolde filosoof.

Alain de Botton, Religie voor Atheïsten. Een Heidense Gebruikersgids, Uitgeverij Atlas, Amsterdam/Antwerpen, 2011. ISBN 978 90 450 1934 5



Reacties (4)

   

Dank voor de bespreking. "Een goed boek voor ‘gewone’ mensen geïnteresseerd in filosofie en religie, een leeg boek voor de meer geschoolde filosoof."

Tja, ik vrees, dat het dus eigenlijk een boek voor mij is, maar de leerling moet maar proberen indirect te klimmen dan, en zo proberen wijzer te worden. In dit thema probeer ik dat via het denken van Rutten (hier welbekend) die overigens het boek ook al aanstipte op zijn blog. Op 3 september 2011 komt de Botton ter sprake in "Alain de Botton over erfzonde" en op dezelfde datum in "Georges Bataille avant la lettre".

Afgaande op uw recensie: "In totaal haalt de Botton negen thema’s aan (gemeenschap, goedheid, onderwijs, zorgzaamheid, pessimisme, perspectief, kunst, architectuur en instituten) waar, aldus de Botton, de seculiere maatschappij in de leer zou moeten gaan bij religieuze praktijken."

Daar zou in elk geval wel wat in kunnen zitten. Maar komen grote ontwikkelingen op de achtergrond van dat geheel: islam relatief plots naast christendom en jodendom in de EU, globalisering, internet en dergelijke ook nog ter sprake?


---
Bewerkt door Administrator op Jan 08 12 1:45
   

Bedankt voor de interesse.

Het is reeds een tijdje geleden dat ik deze review heb geschreven (en dus ook het boek heb gelezen). Ik geloof dat de Botton nergens dieper ingaat op kwesties wat betreft de EU en specifieke godsdiensten. Zoals ik meld in de review is de Botton vrij ongevoelig voor de eigenheid van verschillende godsdiensten.

Wat betreft globalisering heeft hij het vaak over gemeenschapszin. Hij merkt op dat dit beter ondersteund wordt in sterke religieuze oorden. Hij verdedigt een vorm van communitarisme in dit perspectief, mijns inziens.


---
Bewerkt door Administrator op Jan 08 12 1:45
   

Beste Dennis,

Ik vind jouw interpretatie van het werk van Dennett erg ongenuanceerd. Nergens zegt Dennett dat "de maatschappij veel beter af zou zijn moest iedere vorm van religie afgezworen zou worden". In tegendeel, hij denkt dat religie onverbrekelijk deel uitmaakt van de menselijke natuur, en als zodanig onderwerp moet zijn van wetenschappelijk onderzoek. En het is dat onderzoek waar hij het in zijn boek "Breaking the Spell" over heeft.

Me dunkt dat iets dat in de aard van het menselijke beestje ingebakken zit, moeilijk afgezworen kan worden.


---
Bewerkt door Administrator op Jan 08 12 1:45
   

Ik was misschien wat kort door de bocht wat betreft het werk van Dennett dat toch iets meer genuanceerd is dan dat van Dawkins. Let wel, ik zeg 'iets' omdat het nog steeds een reductie is van iedere vorm van religieus bewustzijn tot een illusie.

In zijn meest recente dialoog met Alvin Plantinga over 'Science and Religion' laat hij zich wederom van zijn meest ongenuanceerde kant zien. Ik heb, eerlijk gezegd, erg weinig geduld voor mensen die een stelling innemen die a priori reeds beslist hebben om geen millimeter toe te geven.


---
Bewerkt door Administrator op Jan 08 12 1:45

Alleen geregistreerde gebuikers mogen comments plaatsen

Aanmelden of Registreer plaats een reactie